ECLI:NL:RBSGR:2010:BO4756
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit asielaanvraag minderjarige wegens schending Procedurerichtlijn
Eiser, een minderjarige asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die door verweerder werd afgewezen wegens toerekenbaar ongedocumenteerd zijn en gebrek aan positieve overtuigingskracht van zijn relaas. Eiser voerde in beroep aan dat het besluit niet was genomen door een medewerker met kennis van de bijzondere behoeften van minderjarigen, zoals vereist in artikel 17, vierde lid, van de Procedurerichtlijn.
De rechtbank oordeelde dat de implementatie van deze richtlijn in het Nederlandse recht onvoldoende was, omdat artikel 3:2 Awb Pro te algemeen is en het beleid niet concreet genoeg is om te voldoen aan de specifieke waarborgen voor minderjarige asielzoekers. Hoewel eiser door een getrainde gehoormedewerker was gehoord, blijkt uit het bestreden besluit niet dat de beslismedewerker met de kwetsbare positie van eiser rekening heeft gehouden.
De rechtbank stelde vast dat de overwegingen in het besluit niet verschillen van die voor meerderjarige asielzoekers en dat verweerder onvoldoende rekening hield met de leeftijd, achtergrond en ontwikkeling van eiser. De verwijzing naar oudere jurisprudentie was niet relevant vanwege de latere implementatietermijn van de richtlijn.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep gegrond, vernietigde het besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen dat wel voldoet aan de richtlijn. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten ten gunste van eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van artikel 17, vierde lid, van de Procedurerichtlijn.