ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ4957
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P.F. Slijpen
- G.J. van Leijenhorst
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Rechtsgeldigheid en bindendheid vaststellingsovereenkomst landbouwvrijstelling vennootschapsbelasting
Eiseres, een holding, betwist de aanslag vennootschapsbelasting over 2002 die is gebaseerd op een belastbaar bedrag van € 488.538. De kern van het geschil betreft de toepassing van de landbouwvrijstelling op de verkoopwinst van landbouwgrond die in 1995 en 1996 is overgedragen. De tweede termijn van de koopprijs zou pas betaald worden na wijziging van het bestemmingsplan en het verkrijgen van bouwvergunningen.
Partijen zijn het erover eens dat de landbouwvrijstelling in beginsel op de tweede termijn van toepassing is, maar verschillen van mening over de waardering van de vordering op de koper en de bindendheid van een in 1999 gesloten vaststellingsovereenkomst. De rechtbank stelt vast dat de waardeverandering van de vordering niet onder de landbouwvrijstelling valt en dat de vaststellingsovereenkomst rechtsgeldig is, ook al was de volmacht van de gemachtigde niet expliciet voor het sluiten van de overeenkomst.
De rechtbank vindt echter dat de contante waarde van de tweede termijn in de vaststellingsovereenkomst onjuist laag is vastgesteld op ƒ 3 per m², terwijl eiseres een contante waarde van ƒ 11 per m² aannemelijk heeft gemaakt. Hierdoor wordt de aanslag verminderd tot een belastbaar bedrag van € 98.800. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De aanslag vennootschapsbelasting wordt verminderd tot een belastbaar bedrag van € 98.800 en eiseres is gebonden aan de vaststellingsovereenkomst met een hogere contante waarde van de tweede termijn.