ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ4327
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ongewenstverklaring wegens onvoldoende bewijs personal participation OMON-activiteiten
Eiser, een burger van Azerbeidzjan en voormalig lid van de speciale politie-eenheid OMON, werd ongewenst verklaard vanwege vermeende betrokkenheid bij oorlogsmisdrijven tijdens het conflict in Nagorno-Karabach. Verweerder baseerde dit op verklaringen van eiser en diverse bronnen, waaronder rapporten over mensenrechtenschendingen.
De rechtbank oordeelt dat de bewijslast voor toepassing van artikel 1F Vluchtelingenverdrag bij verweerder ligt en dat het bewijs voor persoonlijke deelname ('personal participation') onvoldoende is gemotiveerd. De gebruikte bronnen zijn selectief geciteerd en geven geen eenduidig beeld van eisers rol. Ook uit eisers eigen verklaringen blijkt niet duidelijk of de zuiveringsacties gericht waren tegen burgers of rebellen.
Gezien deze onzekerheden en het ontbreken van zorgvuldig onderzoek naar medische omstandigheden van eiser, kan het besluit tot ongewenstverklaring niet standhouden. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het besluit tot ongewenstverklaring van eiser wordt vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerde toepassing van artikel 1F Vluchtelingenverdrag.