ECLI:NL:RBSGR:2007:BC9333
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens niet tijdige indiening aansprakelijkheidstelling premieschulden
Eiser werd aansprakelijk gesteld voor premieschulden van een uitzendbureau over 1999 en 2000. Het besluit tot aansprakelijkheid werd op 22 juni 2004 aan eiser verzonden op een adres waar hij toen volgens de GBA stond ingeschreven. Eiser verbleef in die periode in detentie en verhuisde zonder dit door te geven aan de verweerder of het GBA.
Eiser diende het bezwaarschrift pas op 18 oktober 2004 in, na het verstrijken van de wettelijke termijn van zes weken. Verweerder achtte het bezwaar ontvankelijk, maar de rechtbank oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. De detentie van eiser bood geen geldige reden voor het niet tijdig indienen van bezwaar.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de beslissing op bezwaar en verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiser en het betaalde griffierecht werd vergoed.
Uitkomst: Het bezwaar is niet tijdig ingediend en daarom niet-ontvankelijk verklaard; het bestreden besluit is vernietigd.