ECLI:NL:RBSGR:2007:BC8949
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkstelling bestuurder voor belastingschulden wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur
De zaak betreft de aansprakelijkstelling van eiser als enig bestuurder van een failliete BV voor naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen en omzetbelasting over 2004-2005.
Eiser betwistte de aansprakelijkheid, het horen conform Awb, en het verstrekken van processtukken. De rechtbank oordeelt dat verweerder niet verplicht was de nog niet vrijgegeven strafrechtelijke processen-verbaal voorafgaand aan het horen te verstrekken en dat eiser op juiste wijze is gehoord.
De rechtbank stelt vast dat eiser als bestuurder kennelijk onbehoorlijk heeft bestuurd door bewust te zorgen dat belastingschulden onbetaald bleven terwijl voldoende middelen aanwezig waren. De aansprakelijkstelling is terecht, maar de rechtbank vermindert de aansprakelijkstelling voor de omzetbelasting over april 2005.
De rechtbank wijst het beroep op andere gronden af en bepaalt dat verweerder het door eiser betaalde griffierecht moet vergoeden.
Uitkomst: Eiser is aansprakelijk gesteld voor belastingschulden wegens kennelijk onbehoorlijk bestuur, met vermindering van de aansprakelijkstelling voor de omzetbelasting over april 2005.