ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ0184
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bijzondere bijstand legeskosten verblijfsvergunning
Eiser vroeg bijzondere bijstand aan voor legeskosten van de verlenging van verblijfsvergunningen voor zijn vrouw en minderjarige kinderen. Het college verleende gedeeltelijk bijstand voor de kinderen, maar weigerde dit voor de vrouw omdat legeskosten als algemene kosten uit de bijstandsnorm zouden moeten worden voldaan.
De rechtbank overwoog dat legeskosten in principe tot de noodzakelijke kosten van het bestaan behoren die uit de bijstandsnorm betaald moeten worden, maar dat bijzondere omstandigheden zoals het ontbreken van reserveringscapaciteit of financieringsmogelijkheden bijzondere bijstand kunnen rechtvaardigen. Het college had echter nagelaten te onderzoeken of eiser over dergelijke mogelijkheden beschikte.
Daarnaast wees de rechtbank het beroep op het recht op gezinsleven uit artikel 8 EVRM Pro af, omdat het besluit de voortzetting van het gezinsleven niet belemmerde. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg het college op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van bijzondere bijstand wordt vernietigd.