Verzoeker, een ontheemde Oekraïner, werd de toegang tot de opvanglocatie Mrija in Vlaardingen geweigerd vanwege ernstige schendingen van het huishoudelijk reglement, waaronder witwassen van crimineel verkregen geld. Het college stelde dat zijn aanwezigheid een veiligheidsrisico vormt voor andere bewoners en medewerkers.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college niet de gehele toegang tot opvang mag onthouden, ook niet bij ernstige gedragsproblemen. Verzoeker behoudt recht op minimale basisvoorzieningen zoals een fatsoenlijk onderkomen of middelen om huisvesting te vinden, conform de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO) en jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie.
De voorlopige voorziening schorst het bestreden besluit en verplicht het college binnen twee weken na uitspraak opvang te bieden, met een dwangsom van €1.000 per dag bij overschrijding, maximaal €30.000. Tevens moet het college griffierecht en proceskosten vergoeden. De uitspraak is bindend voor de voorlopige fase en sluit hoger beroep uit.