Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..[persoon A] ,
1..[persoon C] ,
[VOF E],
4..[persoon F] ,
7. [bedrijf I] .
1. De procedure
- het tussenvonnis van 17 oktober 2025 en de daarin genoemde stukken;
- de akte van 12 november 2025 van [persoon A] en [persoon B] , met bijlagen;
- de akte van [VOF E] c.s., met bijlagen.
2.De verdere beoordeling
- € 140,17 aan dagvaardingskosten (de dagvaarding aan [VOF E] c.s. is eenmaal betekend);
- € 412,- aan griffierecht (het griffierecht van € 732,- verminderd met het griffierecht van € 320,- dat is betaald voor het verzoek voor het leggen van conservatoir beslag);
- € 2.165,- aan salaris voor de gemachtigde (2,5 punt x € 866,-);
- € 144,- aan nakosten;
- € 2.221,71 aan beslagkosten (liquidatiepunt tarief V 2024 en drie overgelegde beslagexploten van elk € 97,57).