2.7.Vervolgens heeft de besluitvorming plaatsgevonden zoals vermeld onder het procesverloop.
3. Aan het bestreden besluit heeft de RDW – samengevat – het volgende ten grondslag gelegd. Gelet op de toelichting van eiser is vast komen te staan dat geen sprake is van vermissing van de oude kentekenplaten. Daarom bestaat er bij nader inzien geen grond om de nieuwe kentekenplaten te voorzien van duplicaatcode 02. De registratie van duplicaatcode 01 voor de kentekenplaten blijft wel in stand. In het kentekenregister is bij het kentekenbewijs duplicaatcode 01 vermeld. Waarom en wanneer deze code is geregistreerd, is niet meer precies te achterhalen. Wel is duidelijk dat de reden voor het registreren van duplicaatcode 01 de vermissing van de kentekenpapieren is geweest. De RDW mag ervan uitgaan dat de duplicaatcode 01 in het kentekenbewijs op juiste gronden is geregistreerd.
4. Eiser heeft – samengevat – het volgende aangevoerd. Het is niet juist dat de RDW erbij blijft dat de kentekenplaten moeten worden voorzien van duplicaatcode 01. Eiser is zijn kentekenplaten niet kwijtgeraakt. Ook is eiser zijn kentekenbewijs nooit kwijtgeraakt, zodat onduidelijk is waarom in het kentekenregister een duplicaatcode 01 is geregistreerd bij het kentekenbewijs. Het is niet juist dat de RDW niet meer kan achterhalen hoe dit precies is gegaan. De RDW had deze gegevens op grond van Selectielijst RDW 2017 onder nummer 52 permanent moeten bewaren. Dit zou anders zijn als de tenaamstelling van eiser zou zijn vervallen, maar dat is niet het geval geweest. Eiser heeft in 2016 voor het eerst GAIK-kentekenplaten gekregen. Het gaat dus om een eerste afgifte als bedoeld in artikel 20, vijfde lid, van de Erkenningsregeling fabrikanten kentekenplaten (de Erkenningsregeling). Daarom zou er geen duplicaatcode op de kentekenplaten moeten staan. Eiser heeft er verder op gewezen dat sinds 2008 niet langer op de kentekenplaten de duplicaatcode wordt vermeld die in het kentekenbewijs staat.
5. De relevante wettelijke regels zijn vermeld in de bijlage bij deze uitspraak.
6. De RDW heeft zijn standpunt dat op de kentekenplaten duplicaatcode 01 moet staan, nader toegelicht in het verweerschrift, ter zitting en in de brief van 28 februari 2025. De rechtbank begrijpt inmiddels dat dit standpunt is gebaseerd op artikel 22c van de Erkenningsregeling. Uit die bepaling volgt dat, bij vermissing van de kentekenplaten, de nieuw af te geven kentekenplaten worden voorzien van een door de RDW aan de producent van de kentekenplaten gemelde duplicaatcode. Volgens de RDW is deze bepaling in dit geval van toepassing nu het kentekenbewijs vermist is geweest en niet kan worden uitgesloten dat met het oude kentekenbewijs al eerder GAIK-kentekenplaten zijn aangeschaft. De rechtbank begrijpt dat volgens de RDW in die zin sprake is van vermissing van die kentekenplaten. De RDW heeft verder toegelicht dat indien kentekenplaten zonder duplicaatcode zouden worden verstrekt, zoals eiser wenst, dubbele kentekenplaten in omloop zouden kunnen zijn, wat niet de bedoeling is.
7. Omdat deze motivering onvoldoende duidelijk volgt uit het bestreden besluit, is dit besluit gebrekkig gemotiveerd. Het beroep is daarom gegrond. De rechtbank is echter van oordeel dat de RDW dit gebrek met de hiervoor vermelde nadere motivering voldoende heeft hersteld. Voldoende duidelijk is geworden dat de RDW zich op goede gronden op het standpunt heeft gesteld dat de registratie van duplicaatcode 01 voor de kentekenplaten in stand moet blijven en dat deze duplicaatcode dus op de kentekenplaten moet worden vermeld.
8. Dat sinds 2008 niet langer automatisch op de kentekenplaten de duplicaatcode wordt vermeld die in het kentekenbewijs staat, zoals eiser heeft aangevoerd, maakt dit niet anders. De reden dat de RDW vasthoudt aan de duplicaatcode 01 op de kentekenplaten is namelijk niet zozeer dat deze code ook in het kentekenbewijs is opgenomen, maar dat, als gevolg van de eerdere vermissing van het kentekenbewijs, niet kan worden uitgesloten dat met het oude kentekenbewijs al eerder GAIK-kentekenplaten zijn aangeschaft. Verder kan de rechtbank de RDW volgen in zijn standpunt dat onder deze omstandigheden niet kan worden uitgegaan van een eerste afgifte als bedoeld in artikel 20, vijfde lid, van de Erkenningsregeling.
9. De stelling van eiser dat hij zijn kentekenbewijs nooit is kwijtgeraakt, kan niet tot een ander oordeel leiden. Partijen zijn het erover eens dat de registratie van duplicaatcode 01 in het kentekenbewijs al lang geleden heeft plaatsgevonden. Volgens eiser zelf stond deze duplicaatcode al in de periode 1995-1998 vermeld in het kentekenbewijs. Volgens de RDW kan de exacte datum en de aanleiding van de registratie niet meer worden achterhaald omdat deze informatie niet meer uit het kentekenregister is af te leiden, maar is wel duidelijk dat de reden vermissing van de kentekenpapieren is geweest. De rechtbank volgt de RDW in zijn standpunt dat hij ervan mag uitgegaan dat de duplicaatcode 01 destijds terecht is geregistreerd. Ten aanzien van eisers verwijzing naar Selectielijst RDW 2017 onder nummer 52 merkt de rechtbank op dat eiser er ten onrechte van uitgaat dat de tenaamstelling van eiser niet is vervallen. Dat is wel het geval. Uit het kentekenregister blijkt immers dat het voertuig sinds 22 april 2011 op naam van eiser staat.