ECLI:NL:RBROT:2024:9009
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen afwijzing handhavingsverzoek bevoordelingsverbod overheidsbedrijf Twence
AVR heeft bij de ACM een handhavingsverzoek ingediend tegen de aandeelhoudende gemeenten van het overheidsbedrijf Twence, stellende dat de gemeenten Twence bevoordelen door opdrachten zonder aanbesteding te gunnen en te hoge tarieven te betalen. De ACM wees het verzoek af op grond van prioriteringsbeleid, omdat nader onderzoek veel specialistische capaciteit vereist en het aannemelijk is dat Europese staatssteunregels van toepassing zijn, waardoor de ACM niet bevoegd is.
AVR stelde diverse beroepsgronden aan de orde, waaronder de bevoegdheid van de ACM en de marktconformiteit van tarieven. De rechtbank oordeelde dat de ACM bevoegd is om te beoordelen of nader onderzoek doelmatig is en dat het bevoordelingsverbod overeenkomstig het staatssteunverbod moet worden toegepast. De ACM heeft een vooronderzoek gedaan, waarbij de marktconformiteit van tarieven niet eenduidig kon worden vastgesteld en nader onderzoek niet doelmatig werd geacht.
De rechtbank wees het beroep af omdat de ACM terecht heeft geoordeeld dat nader onderzoek niet doeltreffend en doelmatig is, mede gelet op de mogelijke toepassing van staatssteunregels en het prioriteringsbeleid. De rechtbank zag geen aanleiding om getuigen te horen en wees het griffierecht en proceskostenvergoedingen af.
Uitkomst: Het beroep van AVR tegen de afwijzing van het handhavingsverzoek door de ACM is ongegrond verklaard.