ECLI:NL:RBROT:2024:3597
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde woning ongegrond verklaard door rechtbank Rotterdam
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de vastgestelde WOZ-waarde van haar woning, die door de heffingsambtenaar is vastgesteld op €312.000,- voor het belastingjaar 2022. Eiseres betoogde dat de waarde te hoog is vastgesteld en stelde een lagere waarde van €284.000,- voor, onder meer vanwege gedateerde voorzieningen en de ligging nabij spoorlijn, tramlijn en school.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ontvankelijk is, omdat de volmacht met het recht van substitutie correct is doorgegeven aan de gemachtigde. Vervolgens beoordeelt de rechtbank de waardebepaling zelf. De heffingsambtenaar heeft de waarde bepaald via een systematische vergelijkingsmethode met vergelijkingsobjecten die voldoende vergelijkbaar zijn op belangrijke kenmerken zoals ligging, type, oppervlakte en onderhoudstoestand.
De rechtbank acht de door eiseres aangevoerde argumenten onvoldoende om de vastgestelde waarde te verlagen. Foto’s en andere stukken tonen niet aan dat de voorzieningen ondergemiddeld zijn, en de ligging is adequaat meegenomen in de waardering. Ook de oppervlakte van het vergelijkingsobject is correct gebruikt. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt daarmee de WOZ-waarde van €312.000,-.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en de waarde van €312.000,- blijft gehandhaafd.