In deze civiele zaak vordert eiseres betaling van een factuur van €1.029,56 voor juridisch advies aan gedaagde. Gedaagde betwist de hoogte van de factuur en stelt dat deze niet in verhouding staat tot de verrichte werkzaamheden en kosten van andere advocatenkantoren.
De kantonrechter constateert dat het een overeenkomst van opdracht betreft tussen een handelaar en een consument, waarbij ambtshalve toetsing van informatieverplichtingen en oneerlijke bedingen noodzakelijk is. Op basis van de stukken kan niet worden vastgesteld of eiseres heeft voldaan aan de informatieverplichtingen zoals vermeld in artikel 6:230m lid 1 onder e, h en o BW. De opdrachtbevestiging vermeldt wel het uurtarief, maar niet de totale kosten of het recht van ontbinding.
Daarnaast moet worden getoetst of het kostenbeding voldoet aan het transparantievereiste van de Richtlijn 93/13/EEG en de recente prejudiciële uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 12 januari 2023. De kantonrechter wil partijen hierover nader horen en geeft hen de gelegenheid schriftelijk te reageren voorafgaand aan een mondelinge behandeling.
De zitting wordt gepland na ontvangst van de beschikbaarheid van partijen in de maanden september tot en met november 2023. De kantonrechter houdt verdere beslissing aan en wil partijen stimuleren tot een mogelijke oplossing tijdens de mondelinge behandeling.