De werknemer trad in juli 2019 in dienst bij Stichting Argos Zorggroep en werkte sinds februari 2020 als verzorgende IG voor 16 uur per week. Op 30 november 2022 meldde zij zich ziek, maar zij verscheen niet op het verzuimgesprek en vier afspraken bij de bedrijfsarts. Argos ondernam diverse pogingen om haar te bewegen mee te werken, waaronder e-mails en telefoontjes, en schortte en stopte het loon. Het UWV oordeelde dat haar re-integratie-inspanningen onvoldoende waren.
De werknemer verscheen niet in de procedure en gaf geen verweer, hoewel zij eerder meldde psychisch door het ijs te zakken. Dit werd door de kantonrechter niet als gegronde reden gezien om afspraken te negeren. Bovendien bleek zij als zzp’er in de zorg te werken, wat het nalaten van haar verplichtingen bij ziekte extra ernstig maakt.
De kantonrechter oordeelde dat het handelen van de werknemer ernstig verwijtbaar is, wat een redelijke grond voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst vormt. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 17 mei 2023, zonder recht op transitievergoeding. De werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten van € 921,- en de beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.