ECLI:NL:RBROT:2020:2286
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding Participatiewet uitkeringsverlaging
Eiseres kreeg haar uitkering op grond van de Participatiewet met ingang van 1 juli 2019 voor één maand met 30% verlaagd door het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. Na een ongegrond verklaard bezwaar stelde eiseres beroep in tegen dit besluit, maar dit beroepschrift werd pas op 14 november 2019 ontvangen, terwijl de termijn op 13 november 2019 afliep.
Eiseres voerde aan dat een notitie van een telefoongesprek met een medewerker van verweerder als een voorlopig beroepschrift moest worden aangemerkt en dat zij vanwege psychische klachten hulp zocht om het beroep in te dienen, waardoor de termijnoverschrijding verschoonbaar zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat de notitie van het telefoongesprek niet als pro-forma beroepschrift geldt en dat het telefoongesprek niet relevant is voor de beoordeling van de tijdigheid van het beroep. Daarnaast vond de rechtbank de psychische klachten onvoldoende om de termijnoverschrijding te verontschuldigen, mede omdat geen aannemelijk bewijs werd geleverd dat het voor eiseres onmogelijk was tijdig beroep in te stellen.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en behandelde zij de inhoudelijke beroepsgronden niet. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het beroepschrift.