Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[gedaagde1] ,
[gedaagde2],
1.De procedure
- de dagvaarding van 21 januari 2016;
- de akte overlegging producties van Nicomet;
- het tegen Procan verleende verstek;
- de conclusie van antwoord in conventie tevens eis in reconventie van [gedaagden] , met producties;
- het tussenvonnis (in de vorm van een brief) van 4 mei 2016, waarbij een comparitie is bepaald;
- de akte producties van Nicomet;
- de bij brief van 8 augustus 2016 door [gedaagden] toegezonden producties;
- het proces-verbaal van de op 9 augustus 2016 gehouden comparitie, alsmede de aantekeningen inzake de comparitie van Nicomet;
- de brief van 22 augustus 2016 van Nicomet met opmerkingen naar aanleiding van het proces-verbaal;
- de brief van 29 augustus 2016 van [gedaagden] naar aanleiding van de brief van 22 augustus 2016 van Nicomet.
2.De feiten
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
in conventie
misschienniet aan het project is besteed - terwijl dit gemotiveerd door [gedaagden] is betwist - heeft zij in dat opzicht niet aan haar stelplicht voldaan.
2.842,00(2,0 punten × tarief € 1.421,00)