ECLI:NL:RBROT:2016:6297
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Boete opgelegd wegens niet melden werkzaamheden tijdens WW-uitkering met startersregeling
Eiseres ontving vanaf mei 2013 een WW-uitkering en kreeg toestemming om een eigen bedrijf te starten met een korting op de uitkering gedurende 26 weken. In de periode april tot november 2014 werkte zij echter ook in loondienst bij Tempoteam zonder dit te melden. Verweerder legde haar een boete van 50% van het benadelingsbedrag op wegens schending van de inlichtingenplicht.
Eiseres betwistte de schending en stelde dat zij door haar werkcoach en telefonisch niet geïnformeerd was over de meldingsplicht van inkomsten uit loondienst tijdens de startersregeling. De rechtbank oordeelde dat eiseres redelijkerwijs had moeten begrijpen dat zij deze inkomsten moest melden en dat de informatievoorziening van verweerder niet leidde tot een onjuiste verwachting.
De rechtbank verwierp het beroep op het vertrouwensbeginsel omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan. Gezien de omstandigheden was er sprake van gemiddelde verwijtbaarheid en was de boete terecht vastgesteld op 50% van het benadelingsbedrag, afgerond op €1.370. Er waren geen redenen voor matiging of afzien van de boete. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de boete van €1.370 wegens het niet melden van werkzaamheden tijdens de WW-uitkering met startersregeling.