Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Holding Cinjee Advies B.V. en
Cinjee Schadeverzekeringen B.V.,
1.De procedure
2.De feiten
Koop en verkoop
- de assurantieportefeuille eigendom is van de verkoper en verkoper bevoegd is om de assurantieportefeuille te vervreemden;
- de levering van de assurantieportefeuille en de andere rechten geschiedt in onbezwaarde vrije eigendom, vrij van gebruiksrechten en zonder eigendomsvoorbehoud ten behoeve van een derde;
(Artikel 3: 237 lid 2 BW).
3.Het geschil
4.De beoordeling
Holding Cinjee
dictumbeschreven wijze zal geven.
petitum) bij dagvaarding gevorderd dat de rechtbank voor recht zal verklaren dat Cinjee SV direct voorafgaand aan het faillissement een bedrag van € 353.936,57 aan [eiser] verschuldigd was. In de dagvaarding heeft [eiser] geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan hij een rechtens te respecteren belang heeft bij deze vordering.
petitum) bij akte houdende wijziging van eis herhaald, zonder daarbij enige onderbouwing te geven en zonder in te gaan op het door de Curator gevoerde verweer. [eiser] heeft evenmin nadien feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan hij enig rechtens te respecteren belang heeft bij deze vordering.
5.De beslissing
- a) op die datum bestaande (opeisbare) vorderingen op verzekeraars tot betaling van provisie; en
- b) op die datum (relatief) toekomstige vorderingen op verzekeraars tot betaling van provisie (doorloopprovisie) voor zover die vorderingen rechtstreeks voortvloeien uit de in het geregistreerde Borderel met bijlagen beschreven verzekeringen en ontstaan zijn voor de datum van het faillissement van Cinjee SV, 26 juli 2011;