ECLI:NL:RBROT:2015:7137
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. van Gijzen
- M.G.L. de Vette
- R.H.L. Dallinga
- Rechtspraak.nl
Beoordeling duidelijkheid en kwalificatie documenten schaderegeling gemeente Lansingerland
Eiseres, Ouwehand Bouw Participaties B.V., heeft beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland waarin verweerder duidelijkheid zou moeten geven over de vraag of documenten over een schaderegeling onder hem berusten. Eerder had de rechtbank in een uitspraak van 2 september 2014 het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuwe beslissing te nemen.
In het bestreden besluit van 22 oktober 2014 heeft verweerder opnieuw een beslissing genomen, waarna eiseres beroep instelde. De rechtbank oordeelt dat het beroep ontvankelijk is, omdat eiseres voldoende belang heeft om een inhoudelijk oordeel te vragen. De kern van het geschil is of verweerder voldoende duidelijkheid heeft verschaft en of de documenten nader gekwalificeerd moeten worden.
De rechtbank stelt vast dat verweerder in het besluit heeft aangegeven dat de openbaar gemaakte passages betrekking hebben op de financiële afwikkeling van het project Meervaart te Berkel en Rodenrijs en dat eiseres daarmee over de gevraagde informatie beschikt. De rechtbank wijst het verzoek van eiseres af om de documenten nader te kwalificeren, omdat dit een inhoudelijke interpretatie betreft die buiten het kader van de Wob valt.
Verder oordeelt de rechtbank dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er meer documenten over de schaderegeling bestaan dan reeds openbaar zijn gemaakt. De getuigenverklaringen waarop eiseres zich beroept zijn onvoldoende om dit te onderbouwen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard omdat het bestreden besluit voldoende duidelijkheid geeft over de documenten en nadere kwalificatie buiten het kader van de Wob valt.