ECLI:NL:RBROT:2015:2771
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens onvergund aanbieden van flitskrediet aan consumenten
Eiseres bood vanaf juni 2011 via haar website aan consumenten de mogelijkheid om toekomstige vorderingen, zoals loon of pensioen, te verkopen tegen een lager bedrag. Dit werd door de AFM gekwalificeerd als het aanbieden van krediet zonder vergunning, wat verboden is volgens artikel 2:60 van Pro de Wft. Na een onderzoek legde de AFM een bestuurlijke boete op wegens deze overtreding.
Eiseres voerde aan dat er geen sprake was van krediet, dat de kosten onbetekenend waren en dat zij mocht vertrouwen op een juridisch advies. De rechtbank verwierp deze bezwaren, verwijzend naar eerdere uitspraken van het College van Beroep voor het bedrijfsleven en de wettelijke definities in de Wft. De AFM had terecht de vergoeding omgezet naar een jaarlijks kostenpercentage en vastgesteld dat deze ver boven de toegestane norm lag.
Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en de verwijzing naar andere boetes werden afgewezen. De rechtbank oordeelde dat eiseres als professionele marktdeelnemer zelf verantwoordelijk is voor naleving van de wet en dat het opgelegde boetebedrag in verhouding staat tot de ernst en duur van de overtreding. Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de opgelegde bestuurlijke boete wegens het onvergund aanbieden van krediet wordt ongegrond verklaard en de boete wordt gehandhaafd.