ECLI:NL:RBROT:2012:BW3651
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit permanente bewoning recreatiewoning wegens onvoldoende bewijs
Belanghebbenden zijn eigenaar van een recreatiewoning met bestemming zomerhuizenterrein, waarbij permanente bewoning verboden is. Na eerdere procedures waarin het vermoeden van permanente bewoning werd bevestigd, heeft de rechtbank nu geoordeeld dat verweerder onvoldoende feiten heeft gesteld om dit vermoeden te rechtvaardigen. Het onderzoek naar energie- en waterverbruik, visuele controles en woonsituaties leverden geen overtuigend bewijs van permanente bewoning op.
De rechtbank overweegt dat het op de weg van verweerder ligt om feiten te verzamelen die het vermoeden van overtreding ondersteunen, waarna belanghebbenden dit kunnen ontkrachten. Nu verweerder dit niet overtuigend heeft gedaan, wordt het vermoeden verworpen. Ook eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak ondersteunen deze conclusie.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, waarbij ook het betaalde griffierecht aan eiser wordt vergoed. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit. Belanghebbenden kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit wegens onvoldoende bewijs van permanente bewoning.