ECLI:NL:RBROT:2011:BP9381
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.F.C. Francken
- I. Rapmund
- M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Vermindering bestuurlijke boete wegens bemiddelen zonder vergunning en vernietiging publicatiebesluit
De rechtbank Rotterdam behandelde het beroep van [A BV] tegen een door de Autoriteit Financiële Markten (AFM) opgelegde bestuurlijke boete van €24.000 wegens het bemiddelen in financiële producten zonder eigen vergunning in de periode van 10 januari 2008 tot 11 augustus 2008. [A BV] was als zelfstandig tussenpersoon actief, maar beschikte toen niet over een eigen vergunning, terwijl de activiteiten niet gedekt waren door de vergunning van een andere entiteit.
De rechtbank stelde vast dat AFM bevoegd was de boete op te leggen en dat de hoogte van de boete in lijn was met vergelijkbare gevallen. Wel oordeelde de rechtbank dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden, waardoor de boete als onevenredig hoog moest worden beschouwd. Daarom werd de boete met 10% verminderd tot €21.600.
Daarnaast vernietigde de rechtbank de beslissingen van AFM tot (vroegtijdige) publicatie van de boete, omdat het tijdsverloop en de vergunningverlening het redelijk doel van publicatie hadden doen vervallen. De rechtbank veroordeelde AFM ook in de proceskosten van [A BV].
De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige afweging van boetehoogte en publicatiebesluiten, waarbij redelijke termijnen en proportionaliteit centraal staan.
Uitkomst: De boete wordt verminderd tot €21.600 en de beslissingen tot publicatie van de boete worden vernietigd.