ECLI:NL:RBROT:2010:BP0011
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen boete en publicatie AFM wegens koersmanipulatie
De Rechtbank Rotterdam heeft op 16 december 2010 het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen van een belegger die bezwaar maakte tegen een door de Autoriteit Financiële Markten (AFM) opgelegde bestuurlijke boete van €24.000 wegens overtreding van artikel 5:58, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet op het financieel toezicht (Wft). De boete werd opgelegd omdat verzoeker door frequente transacties van steeds één aandeel in de fondsen Qurius en Tie de koers kunstmatig op een hoger niveau zou hebben gehouden.
Uit het onderzoek van AFM bleek dat verzoeker bij 514 transacties in Qurius en 990 in Tie respectievelijk 10% en 52% van de koersstijgingen had veroorzaakt. Daarnaast plaatste hij positieve postings op een beleggersforum rond transactietijdstippen. Verzoekers stelling dat hij als amateur geen koersdruk kon veroorzaken en geen intentie had om de koers te beïnvloeden, werd door de voorzieningenrechter verworpen op basis van verklaringen en transactiedata.
De rechtbank oordeelde dat AFM bevoegd was de boete op te leggen en dat de publicatie van het boetebesluit niet in strijd was met het doel van het toezicht. Verzoekers bezwaren tegen de publicatie, waaronder schending van privacy en het evenredigheidsbeginsel, werden niet gehonoreerd. De voorlopige voorziening werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de boete en publicatie van AFM wordt afgewezen.