ECLI:NL:RBROT:2006:BA0889
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde van MVE-woning met terugkoopgarantie en ondererfpacht
Eiseres kocht in december 2004 een MVE-woning van het Woningbedrijf Rotterdam (WBR) voor €67.500, inclusief een afkoopsom voor ondererfpacht. De gemeente Rotterdam stelde de WOZ-waarde van de woning per 1 januari 2003 vast op €97.000, wat leidde tot een hogere OZB-aanslag. Eiseres betwistte deze waarde en stelde dat de WOZ-waarde gelijk moest zijn aan de betaalde koopsom of iets hoger, rekening houdend met een gering waardedrukkend effect van de MVE-voorwaarden.
De rechtbank onderzocht de prijsvorming van MVE-woningen en concludeerde dat de betaalde koopsom niet de marktwaarde weerspiegelt vanwege de bijzondere voorwaarden zoals terugkoopgarantie en prijsrisicogaranties. Verweerder onderbouwde een lagere WOZ-waarde van €91.000, gebaseerd op vergelijkbare objecten en taxatierapporten, waaronder een vergelijkbare woning in hetzelfde complex die voor €107.000 werd verkocht.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de door verweerder vastgestelde waarde onjuist was. De invloed van de MVE-voorwaarden en ondererfpacht is niet verwaarloosbaar en moeilijk te kwantificeren. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en stelde de WOZ-waarde vast op €91.000, met verlaging van de OZB-aanslag en vergoeding van het griffierecht aan eiseres.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €91.000 en de OZB-aanslag dienovereenkomstig verlaagd.