ECLI:NL:RBROT:2004:AQ6963
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing traplift en natte cel aanpassing wegens onvoldoende onderbouwing verhuizing als adequate voorziening
Eiser vroeg op 8 augustus 2002 een traplift en aanpassing van de natte cel aan vanwege verminderde mobiliteit en geestelijke achteruitgang. Verweerder wees de aanvraag af omdat woningaanpassingen niet doeltreffend en doelmatig zouden zijn en verhuizing als adequaat alternatief werd gezien.
De ergonomisch adviseur stelde dat verhuizing een goedkopere adequate oplossing kan zijn, maar de rechtbank oordeelde dat de beoordeling van psychische gezondheidsschade door verhuizing tot de deskundigheid van een arts behoort en niet van een ergonomisch adviseur. De verzekeringsarts gaf geen expliciet oordeel over de psychische gevolgen van verhuizing, waardoor de adequaatheid van verhuizing onvoldoende feitelijk is onderbouwd.
De rechtbank stelde dat het zorgvuldigheidsbeginsel vereist dat de verzekeringsarts zijn mening baseert op kenbaar psychologisch of psychiatrisch onderzoek. Omdat dit ontbrak, is het bestreden besluit in strijd met de Algemene wet bestuursrecht en wordt het vernietigd. Verweerder moet binnen zes weken een nieuwe beslissing nemen rekening houdend met deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de woningaanpassingen wordt vernietigd.