Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.Inleiding
5.Feit 1 en feit 2
- [slachtoffer 2] was op 6 december 2020 met [slachtoffer 1] bij [medeverdachte 1] thuis. (2)
- [medeverdachte 2] en [verdachte] waren daar ook. (2, 4)
- Zij waren op [medeverdachte 1] ’s slaapkamer. (3)
- [slachtoffer 1] is op een gegeven moment opgestaan om te gaan roken. (8)
- [slachtoffer 2] is een ex-vriendin. Hij heeft een keer met haar afgesproken bij [medeverdachte 1] thuis. Daar was ook een vriendin van [slachtoffer 2] bij, genaamd [slachtoffer 1] . (2)
- [verdachte] was daar ook. (4)
- [medeverdachte 2] heeft met [slachtoffer 2] gezoend. (6)
- [medeverdachte 1] heeft met [slachtoffer 1] gezoend. (7)
- [slachtoffer 2] deed haar kleren uit door iets wat [medeverdachte 1] tegen haar zei. Zij ging met haar knieën op het bed zitten, waarna [medeverdachte 1] haar vaginaal heeft gepenetreerd. (9, 11, 13)
- Het zou kunnen dat [medeverdachte 2] achter [slachtoffer 2] heeft gezeten. Hij heeft geprobeerd zijn penis in haar vagina te krijgen, maar dat lukte maar half, omdat hij zijn penis niet hard kreeg. (15, 17)
- Omdat hij hem niet meer hard kreeg, zei hij ‘ [medeverdachte 1] , ga jij maar’ en daarop is [medeverdachte 2] weer met [slachtoffer 1] gaan zoenen. (16)
- [medeverdachte 2] weet nog dat hij [slachtoffer 1] over haar borsten heeft gewreven. (16)
- [medeverdachte 1] kreeg zijn penis op een gegeven moment niet meer hard. Toen heeft [medeverdachte 2] met [medeverdachte 1] van plek geruild. (15)
6.De bewezenverklaring
7.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
8.De strafbaarheid van verdachte
9.De op te leggen straf of maatregel
10.De schade van benadeelden
11.De toegepaste wettelijke voorschriften
12.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
145 (honderdvijfenveertig) dagen;
100 (honderd) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien de veroordeelde voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde(n) niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat de veroordeelde:
bijzondere voorwaardendat de veroordeelde:
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
180 (honderdtachtig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
90 (negentig) dagen;
aan [slachtoffer 2] (feit 1)
maatregelop dat de verdachte verplicht is ter zake van het bewezen verklaarde feit tot betaling aan de Staat der Nederlanden van na te noemen bedragen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf na te noemen datum, ten behoeve van de betreffende benadeelde, en bepaalt, voor het geval volledig verhaal van het verschuldigde bedrag niet mogelijk blijkt, dat gijzeling voor de duur van na te noemen aantal dagen kan worden toegepast, voor zover dit bedrag niet door een mededader zal zijn voldaan). Tenuitvoerlegging van de gijzeling laat de betalingsverplichting onverlet;