Verzoeker, die zich identificeert als non-binair en zich niet herkent in de mannelijke of vrouwelijke geslachtsaanduiding, verzocht primair om doorhaling van de geboorteakte en een nieuwe akte met een neutrale geslachtsvermelding. Subsidiair verzocht hij om een latere vermelding met de geslachtsaanduiding ‘het geslacht is niet kunnen worden vastgesteld’ en wijziging van de voornaam.
De rechtbank oordeelt dat de huidige wetgeving geen voorziening biedt voor een genderneutrale geslachtsvermelding en dat doorhaling van de geboorteakte niet mogelijk is omdat de akte feitelijke geboortegegevens bevat. De Hoge Raad heeft prejudiciële vragen hierover niet beantwoord en verwees naar wetgevende ontwikkelingen.
Gezien de maatschappelijke en juridische erkenning van non-binaire identiteiten en de tendens van de wetgever om genderneutrale registratie mogelijk te maken, weegt het individuele belang van verzoeker zwaarder dan het algemene belang bij handhaving van de huidige regeling. De rechtbank wijst daarom het subsidiaire verzoek toe om de geboorteakte bij latere vermelding te wijzigen met de geslachtsaanduiding ‘X’.
Daarnaast wordt de wijziging van de voornaam toegewezen, omdat verzoeker een zwaarwichtig belang heeft en de nieuwe voornaam past bij diens genderidentiteit en al in het dagelijks leven wordt gebruikt. De ambtenaar van de burgerlijke stand wordt gelast deze wijzigingen aan te brengen.