Eiseres, een erkend intermediair en transportbedrijf in dierlijke meststoffen, kreeg 39 boetes opgelegd wegens het niet volledig invullen van siloregistratienummers op vervoersbewijzen (VDM). Na bezwaar en beroep werd de boete verlaagd van €7.800 naar €780.
Eiseres voerde aan dat zij niet de mogelijkheid had gekregen een zienswijze in te dienen en dat de overtredingen haar niet konden worden verweten omdat zij afhankelijk was van leveranciers en afnemers. De rechtbank oordeelde dat eiseres verantwoordelijk was voor het volledig invullen van de VDM’s en dat zij geen aannemelijk bewijs leverde dat zij belemmerd werd.
Verder concludeerde de rechtbank dat de hoorplicht niet was geschonden omdat eiseres niet binnen de gestelde termijn had aangegeven gehoord te willen worden. Hoewel eiseres niet de mogelijkheid kreeg een zienswijze in te dienen voorafgaand aan het primaire besluit, werd dit gebrek in de bezwaarfase hersteld. Het beroep tegen het herzieningsbesluit werd ongegrond verklaard.
De rechtbank veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten aan eiseres en tot terugbetaling van het griffierecht. Het beroep tegen het bestreden besluit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat dit besluit was vervangen door het herzieningsbesluit.