Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1. Het onderzoek op de terechtzitting
2. De tenlastelegging
3. De voorvragen
4. De bewijsoverwegingen
5. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6. De strafbaarheid van verdachte
7. De op te leggen straf of maatregel
8. De toegepaste wettelijke voorschriften
9. De beslissing
1.Het onderzoek op de terechtzitting
7 en 13 februari 2019, 28 november 2019, 2 december 2019, 21 januari 2020, 29 januari 2020, 13 februari 2020 en 24 maart 2020.
2.De tenlastelegging
.
3.De voorvragen
De namen en btw-nummers van bedrijven die als ploffer fungeren worden meestal maar korte tijd gebruikt, waarna de activiteiten worden gestaakt en een nieuwe ploffer de plaats inneemt van de eerdere ploffer. De Belastingdienst kan vervolgens de eerste ploffer niet meer aanspreken op zijn fiscale verplichtingen. Bestuurders van de bedrijven die fungeren als ploffer of buffer zijn slechts formeel leidinggevende en niet feitelijk betrokken bij de ondernemingen; zij zetten de bedrijven en bankrekeningen slechts op naam (‘katvangers’). Eén van de kenmerken van btw-carrouselfraude is dat sprake is van een prijsval: de ploffers factureren goederen aan de bufferbedrijven voor lagere bedragen dan waarvoor die aan de ploffers waren gefactureerd. Over het algemeen werd een structureel verlies geleden van gemiddeld ca. 13%. Deze prijsval kan alleen worden gerealiseerd doordat plofferbedrijven geen btw afdragen. De ‘winst’ die ten gevolge van deze handelwijze ontstaat, wordt over de diverse schakels verdeeld.
- [rekeningnummer 1] (Nordea Bank);
- [rekeningnummer 2] (Nordea Bank);
- [rekeningnummer 3] (Nordea Bank);
- [rekeningnummer 4] (Nordea Bank);
- [rekeningnummer 5] (Zachodni Bank).
Vertraging in die zin, dat de autoriteiten er niet zo snel achter zouden komen en het onderzoek door politie bemoeilijkt wordt, dit omdat je de interne boekingen nodig hebt om verbanden te kunnen leggen tussen de ingaande en uitgaande betalingen, dit omdat je de tussenliggende transacties niet ziet’.
1 november 2011) [handelsnaam 3] . [28]
25 augustus 2011 tot en met 4 november 2011 [32] gelden, in totaal € 167.170,--, zijn overgeboekt naar de bankrekening van [verdachte] .
€ 6.070.076,73) via het interne account van [bedrijf 6] bij [verdachte] loopt. [52]
€ 9.208.661,80, inkomend in totaal € 378.934,49) via het interne account van [bedrijf 10] bij [verdachte] loopt. [75]
€ 3.174.018,40) via de bankrekeningen van [verdachte] loopt. [85] Het overzicht van het interne account is onzichtbaar gebleven in het opsporingsonderzoek, waardoor slechts een deel van de financiële transacties, de hiervoor genoemde, zijn te herleiden uit de bankafschriften van [verdachte] . [86]
€ 8.082.441,53) via de bankrekeningen van [verdachte] loopt. [91] Het overzicht van het interne account is onzichtbaar gebleven in het opsporingsonderzoek, waardoor slechts een deel van de financiële transacties, de hiervoor genoemde, zijn te herleiden uit de bankafschriften van [verdachte] . [92]
voor zover ik me kan herinneren, waren [medeverdachte 3] , [medeverdachte] en ik bij deze beslissing betrokken. Het waren meerdere gesprekken waarin we tot de conclusie kwamen dat het beter was om een nieuwe firma op te richten’. [96] Ook heeft [medeverdachte 4] verklaard: ‘
[medeverdachte] , [medeverdachte 3] en ik hebben toen zeer snel besloten om deze Nieuw-Zeelandse firma te kopen’ [97] en dat zij deelden in de winst: ‘
[medeverdachte] , ik en [medeverdachte 3] hebben de winst onderling verdeeld. Ik kreeg 60%, omdat ik de software gefinancierd heb en deze ook van mij was. De beide anderen hebben ongeveer 20% ieder gekregen’. [98] [medeverdachte] heeft dit bevestigd. [99]
de strategie ten aanzien van [verdachte] werd besproken tussen [medeverdachte 4] en [medeverdachte 3]’ [100] en ‘
de algemene beslissingen met betrekking tot (..) [verdachte] werden in gezamenlijk overleg tussen [medeverdachte] en [medeverdachte 3] gemaakt (..). De beslissingen die normaal gesproken op management niveau worden genomen, die werden vastgesteld door [medeverdachte] en [medeverdachte 3]’. [101] [medeverdachte 4] heeft hierover verklaard: ‘
[naam 3] en [naam 4] waren alleen op papier bedrijfsleider en hadden niets te vertellen. In het begin waren we met zijn drieën met [medeverdachte] en later dan [medeverdachte 3] en ik’. [102] Ook [naam 4] heeft verklaard dat verdachte en [medeverdachte 4] de verantwoordelijken bij [verdachte] waren. [103]
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
- Zachodni bank, [rekeningnummer 7] , met saldo € 945.592,96;
- Nordea bank, [rekeningnummer 4] , met saldo € 767,80;
- Nordea bank, [rekeningnummer 3] , met saldo € 586,74;
- Nordea bank, [rekeningnummer 1] , met saldo € 3.923,34;
- Nordea bank, [rekeningnummer 2] , met saldo € 6.431,14.
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
een geldboete van € 670.000,-- (zeshonderdzeventigduizend euro);
- Zachodni bank, [rekeningnummer 7] , met saldo € 945.592,96;
- Nordea bank, [rekeningnummer 4] , met saldo € 767,80;
- Nordea bank, [rekeningnummer 3] , met saldo € 586,74;
- Nordea bank, [rekeningnummer 1] , met saldo € 3.923,34;
- Nordea bank, [rekeningnummer 2] , met saldo € 6.431,14.