ECLI:NL:RBOVE:2018:5159
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang bij vervolging witwassen
De rechtbank Overijssel behandelde een zaak waarin verdachte werd verdacht van het witwassen van ongeveer 40.613,33 euro, afkomstig uit illegale prostitutieactiviteiten. De procedure kende een lange aanloop, waarbij verdachte aanvankelijk werd vervolgd voor mensenhandel en mensensmokkel. Deze tenlasteleggingen vervielen echter na een wijziging op 12 september 2017, waarna alleen witwassen overbleef.
Tijdens de zitting van 17 april 2018 stelde de verdediging dat de officier van justitie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens gebrek aan belang bij verdere vervolging en schending van procesvoorschriften. De officier van justitie erkende dat het witwassen feit niet te bewijzen was en zou bij inhoudelijke behandeling tot vrijspraak overgaan.
De rechtbank oordeelde dat de combinatie van de langdurige procedure, de wijziging van de tenlastelegging en het ontbreken van bewijs voor witwassen ertoe leiden dat de vervolging niet langer een rechtens te respecteren belang dient. Daarom werd de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging.
Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Overijssel op 17 april 2018, na openbare behandeling op 30 november 2015, 12 september 2017 en 17 april 2018.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang bij voortzetting van de vervolging.