Uitspraak
Rechtbank Overijssel
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
- verdachte wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat deze voorwerpen middellijk of onmiddellijk van misdrijf afkomstig waren;
- van medeplegen sprake is;
- het betreffende voorwerp uit misdrijf afkomstig is.
- verdachte en [medeverdachte] enkel over een gezamenlijke bijstandsuitkering hebben beschikt en verder geen legale bron van inkomsten hebben gehad. De inkomsten uit handel van verdachte in goederen - wat daar ook van zij - kunnen niet als legale bron gelden, nu deze inkomsten niet bij de Belastingdienst zijn aangegeven, en aldus als ‘zwart geld’ kunnen worden aangemerkt;
- [medeverdachte] voor de handel in verdovende middelen in Duitsland is veroordeeld. Het is een feit van algemene bekendheid dat met de handel in (hard)drugs grote winsten worden gemaakt;
- [medeverdachte] de ten laste gelegde luxe goederen, waaronder de Mercedes SL 500, de meubelen (€ 23.350,- ) en het Breitling horloge ( € 6000,-) met contant geld heeft betaald. De Mercedes is op 1 december 2005 voor € 60.000, - door autohandel [autohandelaar] ingekocht. Na ingewonnen informatie bij een officiële Mercedes-Benz dealer is vastgesteld dat deze Mercedes medio 2007 een handelswaarde van tussen de € 50.000 en € 60.000 heeft gehad. Ten aanzien van de Mercedes SL 500 zijn door [medeverdachte] meerdere personen als katvangers gebruikt, in die zin dat zij de auto op naam hebben gehad. Dit betreft [katvanger 1] , [katvanger 2] , [katvanger 3] en [katvanger 4] . Door de Mercedes op naam van verschillende katvangers te zetten, is getracht te verhullen wie de rechthebbende was;
- een personenauto, Mercedes SL 500, kenteken [kenteken 1] , (dossier wvw deel 2, onderdeel K3), en
- een bedrag van 6.000 euro, ten behoeve van de aankoop van een horloge Breitling Starliner, dossier wvw deel 2, onderdeel K10, en
- een of meer bedragen van in totaal 23.350 euro, ten behoeve van de aankoop van meubels en accessoires, (dossier wvw deel 2, onderdeel K11),
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart niet bewezen dat verdachte het onder primair en subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt haar daarvan vrij;
- verklaart bewezen, dat verdachte het meer subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, zoals hierboven omschreven;
- verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd en spreekt haar daarvan vrij;
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het genoemde strafbare feit oplevert:
- verklaart verdachte strafbaar voor het onder meer subsidiair bewezenverklaarde;
- veroordeelt verdachte tot een
- bepaalt dat de voorwaardelijke straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:
- veroordeelt verdachte tot een
- beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat
- beveelt dat de tijd die de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de taakstraf in mindering wordt gebracht, waarbij als maatstaf geldt dat voor de eerste 60 in verzekering of voorlopige hechtenis doorgebrachte dagen, twee uren en voor de resterende dagen één uur per dag aftrek plaatsvindt;