ECLI:NL:RBOBR:2026:3090
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling tegen niet tijdig besluit UWV
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van het UWV op haar bezwaar. De rechtbank oordeelt dat voordat beroep kan worden ingesteld tegen een niet tijdig genomen besluit, eerst een ingebrekestelling moet worden gestuurd waarin het bestuursorgaan wordt verzocht binnen twee weken alsnog te beslissen.
In deze zaak heeft eiseres het UWV op 2 november 2025 in gebreke gesteld, terwijl de beslistermijn pas op 13 februari 2026 zou eindigen. Hierdoor is de ingebrekestelling te vroeg verstuurd en is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank heeft in een eerdere uitspraak van 2 oktober 2025 het besluit van 23 mei 2025 vernietigd en het UWV opgedragen opnieuw te beslissen, zonder een termijn te stellen.
Het UWV heeft op 29 januari 2026 een nieuwe beslissing genomen, waartegen eiseres ook beroep heeft ingesteld onder een ander zaaknummer. Dit beroep wordt in deze uitspraak niet behandeld. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht. De uitspraak is gedaan door rechter G. de Jong op 11 mei 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het UWV is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.