Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.Tenlastelegging
2.Bewijs
3.Kwalificatie en strafbaarheid
4.Straf
€ 3.000,- in. Als na verzet de zaak op zitting aan de rechtbank wordt voorgelegd, staat het de officier van justitie vrij een andere eis te formuleren.
De verdachte had als voorzitter en/of woordvoerder van de [bedrijf 1] en wedstrijdleider van de Games een zeer grote verantwoordelijkheid. Het was zijn taak om ervoor te zorgen dat deelnemers en publiek veilig zouden zijn. Daarin is hij tekort geschoten. Dit rekent de rechtbank de verdachte aan.
5.Vorderingen van de benadeelde partijen
€ 7.450,81 als vergoeding van materiële schade aan de benadeelde partij moet betalen.
6.Wettelijke voorschriften
7.Beslissingen
een taakstraf voor de duur van 140 uur;
70 uurvan deze 140 uur taakstraf
niet ten uitvoer wordt gelegd;
de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 1] , van een bedrag van € 39.950,81;
166 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 2] , van een bedrag van € 17.500,00;
97 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
€ 17.500,00, bestaande uit immateriële schade.
de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [slachtoffer 3] , van een bedrag van € 17.500,00;
97 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.
€ 17.500,00, bestaande uit immateriële schade.