Uitspraak
1.De procedure
- de incidentele vordering tot aanhouding van Gemeente Asten,
2.De beoordeling
3.De beslissing
woensdag 7 oktober 2026,
Rechtbank Oost-Brabant
In deze civiele zaak tussen Moeskops’ Bouwbedrijf B.V. en de Gemeente Asten heeft de rechtbank een incident behandeld waarin de Gemeente Asten verzocht om aanhouding van de hoofdprocedure. Dit verzoek is gebaseerd op het belang van het afwachten van een voorlopig deskundigenbericht, dat door een aangewezen deskundige moet worden uitgebracht.
De rechtbank overweegt dat hoewel een verzoek tot aanhouding niet expliciet in de wet is geregeld, het wel mogelijk is indien de eisen van een goede procesorde en doelmatige rechtspleging dit rechtvaardigen. Hierbij wordt gelet op het voorkomen van onredelijke vertraging, de aard en complexiteit van de zaak, en de belangen van partijen.
Gezien de niet weersproken gronden van de Gemeente Asten acht de rechtbank het redelijk om de procedure aan te houden tot het deskundigenbericht is uitgebracht. De zaak wordt naar de parkeerrol verwezen en de proceskosten in het incident worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
De beslissing betekent dat de hoofdzaak voorlopig niet wordt voortgezet en dat verdere beslissingen worden aangehouden tot na ontvangst van het deskundigenbericht. Dit bevordert een goed onderbouwd verweer en vordering in de hoofdzaak.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot aanhouding van de hoofdprocedure toe en verwijst de zaak naar de parkeerrol tot het deskundigenbericht is uitgebracht.