ECLI:NL:RBOBR:2025:6730
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid bevestigd
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om haar WIA-uitkering per 15 juli 2024 te beëindigen, omdat zij volgens het UWV minder dan 35% arbeidsongeschikt is. De rechtbank beoordeelt het beroep aan de hand van de medische en arbeidsdeskundige beoordelingen.
Uit de feiten blijkt dat eiseres sinds 2017 meerdere keren ziekgemeld is geweest en diverse uitkeringen ontving, waaronder WW, ZW en WIA. Een herbeoordeling door een verzekeringsarts in maart 2024 concludeerde dat eiseres per 16 maart 2022 toegenomen arbeidsongeschikt was, maar op de datum van de beoordeling minder dan 35% arbeidsongeschikt was. De functionele mogelijkhedenlijst (FML) weerspiegelde deze beperkingen.
Eiseres stelt dat haar beperkingen zijn onderschat en dat haar medische situatie is verslechterd door medicatiegebruik en toegenomen klachten, maar zij onderbouwt dit niet met nieuwe medische stukken. De rechtbank oordeelt dat de medische beoordeling van het UWV terecht is en dat de arbeidsdeskundige beoordeling de geselecteerde functies passend achtten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard en de uitkering per 15 juli 2024 beëindigd.