Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 13 november 2024 in de zaken tussen
[eiseres] , gevestigd in [vestigingsplaats] (hierna: eiseres)
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (hierna: de minister)
Procesverloop
Overwegingen
redelijk vermoeden(cursivering door de rechtbank) een persoon arbeid verricht of heeft verricht. De in de eerste zin bedoelde persoon wordt in dat geval voor de toepassing van het tweede lid aangemerkt als werknemer. Hetgeen in de eerste zin is bepaald, geldt behoudens tegenbewijs.
erdere matiging?