In deze civiele deelgeschilprocedure staat vast dat verweerster voor 75% aansprakelijk is voor de schade van verzoekster door een paardrijongeval in 2008. Verzoekster vordert binding aan het deskundigenrapport van arbeidsdeskundige Audenaerde en een aanzienlijk aanvullend voorschot op de schadevergoeding.
De rechtbank oordeelt dat het rapport van Audenaerde niet volledig bruikbaar is vanwege onduidelijkheden, met name over de functionele mogelijkhedenlijst (FML) van de verzekeringsarts Offermans, en dat verweerster niet zonder meer aan dit rapport kan worden gehouden. De rechtbank bevestigt dat partijen wel gebonden zijn aan het eerdere rapport van Offermans, dat onherroepelijk is verklaard.
Hoewel het rapport van Audenaerde niet als uitgangspunt kan dienen, staat vast dat verzoekster substantiële schade lijdt door verlies van arbeidsvermogen. Daarom wordt een aanvullend voorschot van €150.000 toegewezen, lager dan gevorderd. Tevens wordt een voorschot van €17.500 toegekend voor redelijke buitengerechtelijke kosten van rechtsbijstand. De kosten van dit deelgeschil worden begroot op €12.717,25 en volledig ten laste van verweerster gebracht, zonder vermindering wegens eigen schuld van verzoekster.
De overige vorderingen worden afgewezen. De rechtbank benadrukt dat deze beslissing de voortgang naar een vaststellingsovereenkomst moet bevorderen en dat nadere onderbouwing en bewijslevering in een later stadium kunnen plaatsvinden.