ECLI:NL:RBOBR:2019:664
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde agrarisch object met woning en kinderdagverblijf
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van een agrarisch object met woning, agrarische onderdelen en een kinderdagverblijf, vastgesteld op €753.000 per waardepeildatum 1 januari 2015. Verweerder baseert de waarde op een taxatie van €996.245, waarbij het object als één samenstel van eigendommen wordt gezien. De rechtbank volgt verweerder in deze objectafbakening en stelt vast dat de objectkenmerken, waaronder bouwjaren, juist zijn vastgesteld.
De waardering van het kinderdagverblijf is gebaseerd op de gecorrigeerde vervangingswaarde, rekening houdend met technische en functionele veroudering. De agrarische onderdelen zijn eveneens op vervangingswaarde gewaardeerd met een aftrek van 10% vanwege hun ondergeschikte aard. De rechtbank oordeelt dat de waarderingsmethode en gebruikte taxatiewijzers betrouwbaar zijn en dat verweerder aan zijn bewijslast heeft voldaan.
Eisers bezwaren over onvoldoende motivering, onjuist bouwjaar, incourantheid van het kinderdagverblijf en ligging worden door de rechtbank verworpen. De rechtbank acht de waarde van €753.000 niet te hoog en concludeert dat eiser zijn lagere waarde van €575.000 niet aannemelijk heeft gemaakt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €753.000 wordt ongegrond verklaard.