Uitspraak
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
Belastingdienst/MKB kantoor Emmen, de inspecteur
de Minister voor Rechtsbescherming, de Minister.
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 22 februari 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over de toepassing van de doorschuifregeling bij het overlijden van de echtgenoot van eiseres en de fiscale behandeling van stakingswinst op cultuurgronden.
Eiseres en haar echtgenoot dreven samen een agrarische onderneming in de vorm van een maatschap, waarbij de echtgenoot ook buitenvennootschappelijk ondernemingsvermogen bezat, bestaande uit cultuurgronden. Na het overlijden van de echtgenoot zette eiseres de onderneming voort als eenmanszaak. In de overlijdensaangifte van de echtgenoot was de vraag over doorschuiving aangevinkt voor de maatschap, maar niet voor het buitenvennootschappelijke vermogen. De inspecteur corrigeerde de aangifte over 2015 door een belaste bate van € 1.150.748 toe te rekenen aan eiseres, omdat volgens hem sprake was van een doorschuivingsverzoek voor het gehele ondernemingsvermogen.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek om doorschuiving op grond van artikel 3.62 Wet IB alleen kan zien op het gehele ondernemingsvermogen en niet op afzonderlijke vermogensbestanddelen. Het feit dat de vraag in de aangifte alleen bij de maatschap was aangevinkt, is niet relevant. De feitelijke voortzetting van de gehele onderneming door eiseres bevestigt dit. Eiseres slaagt er niet in aannemelijk te maken dat het verzoek alleen betrekking had op het melkquotum. De aanslagen IB/PVV en ZVW 2015 zijn daarom terecht opgelegd. Daarnaast wijst de rechtbank een immateriële schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn van behandeling van de zaak.
Uitkomst: De aanslagen inkomstenbelasting en ZVW 2015 worden bevestigd en immateriële schadevergoeding toegekend wegens overschrijding redelijke termijn.