Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 oktober 2024 in de zaak tussen
Vereniging Meten = Weten, uit Dwingeloo, eiseres
het college van gedeputeerde staten van de provincie Fryslân.
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Standpunt college
Daarnaast is het college in het bestreden besluit van mening dat, als er wel sprake zou zijn van een overtreding, handhaving onevenredig zou zijn.
Met de vastlegging van de vergunningplicht in artikel 2.7, tweede lid, van de Wnb, is overigens artikel 6, derde lid, van de Habitatrichtlijn geïmplementeerd zodat, voor zover het verzoek van eiseres daar al op zou zien, op dat punt ook geen rechtstreekse toets aan de Habitatrichtlijn hoeft plaats te vinden.
Uit rechtspraak [4] volgt dat in een voortoets een ecologische analyse moet worden gegeven van de gevolgen van het project in het licht van de specifieke milieukenmerken en omstandigheden van het betreffende Natura 2000-gebied, ook als het gaat om een tijdelijke en beperkte toename. Daarbij zal voor de relevante Natura 2000-gebieden moeten worden onderzocht hoe de staat van de instandhouding op dat moment is.
Omdat de rapportage van Dumea AM alleen al om die reden het geconstateerde motiveringsgebrek niet kan wegnemen, gaat de rechtbank verder niet in op de kanttekeningen die eiseres verder nog bij dit onderzoek heeft geplaatst.