ECLI:NL:RBNNE:2022:1533
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit hulp bij het huishouden wegens onzorgvuldigheid en toekenning immateriële schadevergoeding
Eiser had een indicatie voor hulp bij het huishouden van 240 minuten per week, toegekend in 2016. Door nieuw beleid werd deze indicatie in 2020 verlaagd naar 160 minuten per week met terugwerkende kracht, terwijl de eerdere indicatie niet was ingetrokken. De rechtbank oordeelt dat dit leidt tot een onzorgvuldig besluit en strijd met het verbod op reformatio in peius, omdat het bezwaar resulteerde in een nadeliger besluit voor eiser.
De rechtbank stelt vast dat verweerder de wijziging van de hulp bij het huishouden te vroeg heeft doorgevoerd en dat eiser daardoor onrechtmatig minder hulp ontving dan waar hij recht op had. Daarnaast is er een motiveringsgebrek omdat niet is onderzocht of de volle inrichting van het huis van eiser een hogere indicatie rechtvaardigt, terwijl het normenkader dit toelaat.
Omdat het niet mogelijk is om de hulp met terugwerkende kracht te leveren en eiser geen materiële schade heeft gesteld, wordt een immateriële schadevergoeding van €200 toegekend. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen twaalf weken een nieuw besluit te nemen, waarbij rekening wordt gehouden met de woninginrichting. Tevens wordt het griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en eiser krijgt een immateriële schadevergoeding van €200 toegekend.