ECLI:NL:RBNNE:2017:396
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek op grond van gewijzigde jurisprudentie inzake inhoudingen op uitkering
Eiser verzocht om herziening van besluiten waarbij inhoudingen op zijn maandelijkse uitkering plaatsvonden over de periodes februari 2005 tot juli 2007 en na mei 2008. Hij baseerde dit verzoek op gewijzigde jurisprudentie van de Hoge Raad en de Centrale Raad van Beroep. Verweerder wees het herzieningsverzoek af en handhaafde dit standpunt in het bestreden besluit. Eiser stelde dat gewijzigde jurisprudentie als nieuw feit moet worden beschouwd en overhandigde een inkomensverklaring om aan te tonen dat zijn inkomen onder de beslagvrije voet ligt.
De rechtbank overwoog dat volgens vaste jurisprudentie gewijzigde jurisprudentie geen nieuw feit of gewijzigde omstandigheid is die herziening rechtvaardigt. Tevens verwierp de rechtbank het betoog van eiser dat een uitspraak van de Hoge Raad geen jurisprudentie zou zijn. De rechtbank achtte de overgelegde inkomensverklaring niet relevant omdat deze pas in beroep werd ingebracht en verweerder hier geen rekening mee kon houden bij het bestreden besluit.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees het af. Er werd geen proceskostenveroordeling of schadevergoeding opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestreden besluit wordt ongegrond verklaard en afgewezen.