Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verzoekster] te [vestigingsplaats] , verzoekster
de inspecteur van de Belastingdienst/kantoor Groningen, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
€ 1.046.163 derdenbeslag te leggen. Hierdoor raakt verzoekster verstoken van financiële middelen, waardoor volgens verzoekster een acuut gevaar van insolventie is ontstaan. Thans is door het beslag een liquiditeitsstroom van (tot dusver) circa € 900.000 gestagneerd. Verzoekster heeft vanaf het moment van beslaglegging het hoofd boven water weten te houden door middel van leverancierskrediet. Deze mogelijkheid is echter nu uitgeput. Bij voorzetting van deze situatie zal over circa twee weken het faillissement van verzoekster dienen te worden aangevraagd.
€ 900.000. Nu dit derdenbeslag in stand is gebleven, kan, zoals ter zitting onweersproken namens verzoekster is verklaard, [F] haar schuld niet bevrijdend aan verzoekster voldoen, zodat het door de ontvanger gegeven uitstel van betaling verzoekster voor wat betreft dit derdenbeslag niet kan baten. De voorzieningenrechter overweegt verder dat verzoekster onweersproken heeft gesteld dat de mogelijkheid om gebruik te maken van leverancierskrediet nu is opgedroogd en dat bij voorzetting van deze situatie het faillissement van verzoekster over circa twee weken zal dienen te worden aangevraagd. Gelet op deze aangevoerde feiten en omstandigheden is de voorzieningenrechter van oordeel dat de continuïteit van verzoeksters onderneming wordt bedreigd.