Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 7 juli 2015 in de zaak tussen
de inspecteur van de Belastingdienst/kantoor Zwolle verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“Beslissing op bezwaar
Ik kom gedeeltelijk aan uw bezwaar tegemoet. Ik blijf van mening dat sprake is van voorwaardelijk opzet. Er is door uw cliënt een aangifte omzetbelasting derde kwartaal gedaan, stellig en zonder enig voorbehoud, terwijl uw cliënt wist of had kunnen weten dat de aangifte voor dat kwartaal niet juist was. Omwille van een oplossing van het complex aan factoren dat er rondom dit dossier zijn ontstaan, matig ik de vergrijpboete tot nihil. Ik laat de schuldgradatie in stand, om in het geval van recidive, de vergrijpboete op grond van & 8 Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst, te kunnen verhogen.”
Beslissing
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 328 aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 490.