Uitspraak
uitspraak van de meervoudige douanekamer van 27 januari 2026 in de zaken tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Douane, verweerder.
Inleiding
.De gemachtigde van eiseres is, met vermelding daarvan, niet verschenen.
Overwegingen
Feiten
Alle zaken
10 september 2020 contact gehad met eiseres of haar vertegenwoordiger. Verweerder heeft bij de controle een monster van schoenen met hetzelfde productnummer genomen dat het douanelaboratorium heeft onderzocht. Daarvan is op 23 augustus 2021 een rapport opgemaakt met nummer 7986 T 21.In dat rapport staat met betrekking tot ‘ [eiseres] [# 3] ’ vermeld – voor zover van belang – dat het materiaal van de buitenzool van de schoen van kunststof of rubber en textiel is, dat de textielvezels zich niet in de zool bevinden en dat de textiellaag niet duurzaam is. Het douanelaboratorium adviseert deze schoenen in te delen onder GN-code 6402 9190.
[# 3] gecorrigeerd naar Taric-code 6402 9190 00. Hieraan is een invoertarief verbonden van 16,9%.
Zaak HAA 24/430
[# 5] en [# 6] zijn monsters genomen en deze zijn onderzocht door het douanelaboratorium.
Geschil
Standpunten verweerder
Beoordeling van het geschil
De monsterneming
18 december 2020, en 20NLKEV10TA7J1WD55, van 9 september 2020 (de rapporten van het laboratorium met de nummers 2222 T 21, 7986 T 21, 7688 T 21en 3772 T 21) geëxtrapoleerd naar de aangiften vermeld onder 7.
2 januari 2020, 22 januari 2020 en 15 september 2020) en de datum van monsterneming betreffende de aangiften in de referentiezaken (18 december 2020 en 9 september 2020) dermate kort dat niet aannemelijk is dat sprake zou zijn van verschillende producten. De stelling van eiseres dat dezelfde schoen meerdere productnummers kan hebben, doet in dit verband niet ter zake. Dat betekent dat ingevoerde schoenen met hetzelfde productnummer onderling geen relevante verschillen vertonen.
Zaak HAA 24/144: nieuwe onderzoeksmethode
Conclusie
Beslissing
mr. E.M.R. Vennekens, leden, in aanwezigheid van drs. M.A.J. Arts, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 januari 2026.