ECLI:NL:RBNHO:2026:6656

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
20 mei 2026
Publicatiedatum
4 juni 2026
Zaaknummer
K/4102/11929744
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:628 BWArt. 7:629 BWArt. 7:617 BWArt. 7:672 lid 11 BWArt. 7:686a lid 4 onderdeel a BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Deels toewijzing loonvordering werknemer na ontslag statutair bestuurder

De werknemer, in dienst sinds 2011 als Salary & HR manager en statutair bestuurder van een dochtermaatschappij, vordert betaling van diverse looncomponenten na zijn ontslag als bestuurder per 2 april 2025. Hij stelt recht te hebben op volledige loondoorbetaling vanaf zijn uitval wegens ziekte op 24 februari 2025, salaris als bestuurder tot 1 juni 2025, bonus, telefoonkostenvergoeding, loonsverhoging, compensatie voor inleveren leaseauto en dertiende maand over 2025.

De werkgever betwist deze aanspraken en stelt dat de werknemer slechts recht heeft op 70% loon tijdens ziekte, geen opzegtermijn geldt voor het ontslag als bestuurder, en dat bonus en andere vergoedingen niet toekomen. De kantonrechter oordeelt dat sprake is van ziekte-arbeidsongeschiktheid met recht op 70% loondoorbetaling, geen opzegtermijn geldt voor het vennootschapsrechtelijk ontslag, en dat bonus en telefoonkostenvergoeding niet doorbetaald hoeven te worden tijdens ziekte.

De vordering tot loonsverhoging wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van gelijke arbeid in gelijke omstandigheden. Compensatie voor het inleveren van de leaseauto wordt afgewezen op grond van het leasereglement. Wel wordt de werkgever veroordeeld tot aanvulling van het salaris over 1 april 2025 naar het niveau van statutair bestuurder en tot betaling van 70% van de dertiende maand over 2025 (pro rata vanaf 2 april 2025), beide met wettelijke verhoging en rente. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.

Uitkomst: De kantonrechter wijst gedeeltelijk toe: aanvulling salaris over 1 april 2025 en 70% dertiende maand over 2025, overige loonvorderingen afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 11929744 \ CV EXPL 25-7072
Vonnis van 20 mei 2026
in de zaak van
[eiser],
te [plaats],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser],
gemachtigde: mr. Ir. B.J.M. Vernooij,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
HOT NETWORKZ B.V.,
te Haarlem,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Hot Networkz,
gemachtigden: mr. A.G. Moeijes en mr. L. Berendsen.

1.De zaak in het kort

In deze zaak vordert de werknemer uitbetaling van diverse looncomponenten. De werkgever wordt veroordeeld om het salaris van de werknemer over 1 april 2025 aan te vullen naar het niveau van het salaris zoals dat gold voor de functie van statutair bestuurder. Verder wordt de werkgever veroordeeld om 70% van de dertiende maand over 2025 (pro rata vanaf 2 april 2025) aan de werknemer te voldoen. De wettelijke verhoging (gematigd tot 25%) en de wettelijke rente worden eveneens toegewezen. Voor het overige wordt de vordering afgewezen. Iedere partij moet de eigen proceskosten (inclusief nakosten) dragen.

2.De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 14 oktober 2025 met producties;
- de conclusie van antwoord met producties, ingekomen op 23 december 2025;
- het tussenvonnis van 14 januari 2026;
- de brief van [eiser] van 5 maart 2026 met akte vermeerdering van eis en aanvullende producties;
- de brief van [eiser] van 18 maart 2026 met een aanvullende productie;
- de brief van Hot Networkz van 22 april 2026 met aanvullende producties;
- de mondelinge behandeling van 23 april 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- de pleitnotities van partijen.

3.Feiten

3.1.
Hot Networkz is een onderneming die zich bezighoudt met sales en promotie bij het werven van abonnees voor dagbladen, loterijen en magazines. Hot Networkz 3.0 B.V. is bestuurder en enig aandeelhouder van Hot Networkz. ZSP Netwerk is een zustervennootschap van Hot Networkz.
3.2.
[eiser] is op 29 augustus 2011 bij Hot Networkz in dienst getreden. De arbeidsovereenkomst geldt inmiddels voor onbepaalde tijd.
3.3.
De functie van [eiser] is Salary & HR manager. Op 19 juli 2022 is in een document getiteld ‘contractwijziging’ met betrekking tot die functie vastgelegd dat het salaris van [eiser] per 1 juni 2022 € 4.500,- bruto per maand bedraagt (gebaseerd op een 40-urige werkweek) en dat hij per die datum recht heeft op een bonus van maximaal € 500,00 bruto per maand op basis van 3,5% over niet betaalde referrals binnen het ZSP netwerk. Ook staat in dat document dat de overige voorwaarden, zoals een dertiende maand en auto van de zaak, ongewijzigd blijven.
De leaseauto heeft [eiser] vanaf 2016 in gebruik gekregen, ook voor privédoeleinden.
3.4.
Op 3 oktober 2022 is [eiser] aangesteld als (statutair) bestuurder van Hot Networkz 3.0 B.V., ter vervanging van een zieke bestuurder. Bij die gelegenheid zijn afspraken gemaakt die zijn vastgelegd in een ‘
addendum arbeidsovereenkomst’. In dat addendum staat:
‘(…)
De huidige arbeidsovereenkomst blijft onverminderd gelden, met dien verstande dat voor de periode dat jij de positie van bestuurder van Hot Networkz 3.0 B.V. (‘bestuurder’) uitoefent, aanvullende voorwaarden van toepassing zijn.
Duidelijkheidshalve zijn deze onderstaand weergegeven:
1.
Je blijft in functie als Sales & HR Manager van Hot Networkz B.V.. De hierbij horende werkzaamheden mag je gedurende de periode dat je Bestuurder bent waar nodig delegeren, indien je door het uitoefenen van de positie van Bestuurder hiervoor geen tijd hebt.
Zodra de positie van Bestuurder eindigt, zal je wederom alle bij de functie van Salary & HR Manager van Hot Networkz B.V. behorende werkzaamheden weer hervatten, een en ander met inachtneming van de financiële voorwaarden zoals vastgelegd in de contractswijziging d.d. 19 juli 2022.
(…)
2.
Gedurende de periode dat je de positie van Bestuurder bekleedt, zal Hot Networkz B.V. een salaris ad EUR 6.000,- bruto per maand, gebaseerd op ten minste een 40-urige werkweek, aan je voldoen.
(…)’
3.5.
Op 24 februari 2025 is [eiser] uitgevallen. Vanwege die uitval heeft [eiser] vanaf 19 maart 2025 diverse malen de bedrijfsarts bezocht. [eiser] heeft de rapportages van de bedrijfsarts (over de periode van 19 maart 2025 tot en met 24 december 2025) in het geding gebracht.
3.6.
Op 2 april 2025 is [eiser] als (statutair) bestuurder ontslagen door de algemene vergadering van aandeelhouders, waarbij zijn arbeidsovereenkomst met Hot Networkz in stand is gebleven. [eiser] heeft dat ontslagbesluit (in juli 2025) aangevochten bij de rechtbank Noord-Holland. Die rechtbank heeft bij vonnis van 11 februari 2026 geoordeeld dat het ontslagbesluit rechtsgeldig is en heeft de vorderingen van [eiser] afgewezen. [eiser] heeft geen hoger beroep ingesteld tegen dat vonnis.
3.7.
Bij e-mail van 15 april 2025 heeft Hot Networkz aan [eiser] meegedeeld dat zijn salaris met ingang van 2 april 2025 wordt teruggebracht naar het niveau van vóór zijn benoeming tot bestuurder (€ 4.500,- bruto per maand) en dat wegens zijn afwezigheid wegens ziekte in april 80% van zijn salaris zal worden uitgekeerd en vanaf mei 70%. Ook heeft zij [eiser] bij die e-mail verzocht zijn leaseauto in te leveren. Daarbij heeft zij toegezegd dat [eiser] na zijn volledige herstel weer aanspraak maakt op een leaseauto.
3.8.
Bij brief van zijn gemachtigde van 16 april 2025 heeft [eiser] bezwaar gemaakt tegen de verlaging van het salaris en de inhoudingen wegens arbeidsongeschiktheid. Ook heeft hij Hot Networkz verzocht te bevestigen dat hem na inlevering van de leaseauto direct een gelijkwaardige leaseauto ter beschikking wordt gesteld.
3.9.
Bij bericht van haar gemachtigde van 17 april 2025 heeft Hot Networkz de aanspraken van [eiser] afgewezen en hem gesommeerd de leaseauto in te leveren op grond van artikel 1.2.2. van het leasereglement. In dat artikel staat – voor zover hier van belang – dat dat de terbeschikkingstelling van de leaseauto aan de werknemer wordt beëindigd indien de werknemer gedurende één maand afwezig is in verband met langdurige arbeidsongeschiktheid.
3.10.
[eiser] heeft de leaseauto uiteindelijk niet ingeleverd, maar heeft deze per 1 juni 2025 privé van de leasemaatschappij overgenomen.
3.11.
Op 11 september 2025 heeft (op advies van de bedrijfsarts) een mediationgesprek plaatsgevonden om het tussen partijen bestaande arbeidsconflict op te lossen. Dat gesprek heeft niet tot overeenstemming geleid.
3.12.
Hot Networkz is ondanks aanschrijvingen niet tot betaling van de loonvorderingen van [eiser] overgegaan.

4.De vordering

4.1
[eiser] vordert - na vermeerdering van de eis - dat de kantonrechter:
I. voor recht verklaart dat [eiser] aanspraak heeft op volledige (100%) uitbetaling van zijn salaris vanaf de datum van uitvallen op 24 februari 2025;
en dat de kantonrechter Hot Networkz veroordeelt:
II. tot betaling van het volledige salaris als statutair directeur over de periode van 1 april 2025 tot 1 juni 2025;
III. tot aanpassing (verhoging) van het maandsalaris van [eiser] met € 500,- bruto per maand aan bonus en met een telefoonvergoeding (van ten minste € 47,67 bruto) per maand, met terugwerkende kracht vanaf de datum dat het salaris als Salary & HR manager van Hot Networkz voor [eiser] van toepassing werd;
IV. tot aanpassing (verhoging) van het maandsalaris zoals vastgesteld onder III met een percentage van 31,39% op grond van reguliere salarisverhogingen sinds juli 2022;
V. tot betaling van een compensatie voor het gedwongen inleveren van de leaseauto van € 1.053,82 bruto per maand met terugwerkende kracht vanaf 1 juni 2025;
VI. tot betaling van de dertiende maand behorende bij het jaar 2025;
VII. tot betaling van de (maximale) wettelijke verhoging en de wettelijke rente over de onder I tot en met VI bedoelde bedragen;
VIII. in de proceskosten en in de nakosten als Hot Networkz niet tijdig voldoet aan de veroordeling.
[eiser] wil ook de mogelijkheid krijgen om het vonnis meteen uit te voeren, ook als er hoger beroep wordt ingesteld.
4.2.
[eiser] legt aan zijn vordering - kort weergegeven – het volgende ten grondslag.
4.3.
[eiser] is situatief arbeidsongeschikt en heeft daarom sinds zijn uitval op 24 februari 2025 op grond van artikel 7:628 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) recht op volledige doorbetaling van zijn salaris. Verder had Hot Networkz het salaris dat [eiser] verdiende als statutair bestuurder tot 1 juni 2025 moeten doorbetalen wegens de geldende opzegtermijn.
Hot Networkz heeft het salaris dat [eiser] verdient als Salary & HR manager ten onrechte niet verhoogd met de overeengekomen en structureel uitbetaalde bonus en met de vaste telefoonvergoeding. Hot Networkz moet over dat salaris een loonsverhoging van 31,39% toepassen, zoals (gemiddeld) aan drie andere collega’s in gelijkwaardige functies is toegekend. Ook moet Hot Networkz [eiser] compenseren omdat hij ten onrechte zijn leaseauto, die een bestendig onderdeel is geworden van zijn arbeidsvoorwaardenpakket, heeft moeten inleveren. Ten slotte heeft Hot Networkz de dertiende maand waarop [eiser] recht heeft over het jaar 2025 nog niet uitbetaald. Omdat bovengenoemde salariscomponenten niet tijdig zijn voldaan, is Hot Networkz daarover de (maximale) wettelijke verhoging en wettelijke rente verschuldigd.
4.4.
Onder ‘de beoordeling’ zal de kantonrechter (zo nodig) verder op het standpunt van [eiser] ingaan.

5.Het verweer

5.1.
Hot Networkz vindt dat de vordering van [eiser] moet worden afgewezen en dat [eiser] in de proceskosten en nakosten moet worden veroordeeld. Zij voert als verweer aan – kort samengevat – dat [eiser] wegens (medische) ziekte slechts recht heeft op 70% van zijn loon, dat [eiser] geen aanspraak kan maken op salaris over de gestelde opzegtermijn omdat er geen opzegtermijn geldt en dat hij evenmin recht heeft op de overige gevorderde salariscomponenten.
5.2.
Onder ‘de beoordeling’ zal de kantonrechter (zo nodig) verder op het verweer van Hot Networkz ingaan.

6.De beoordeling

6.1.
De kantonrechter zal hieronder de afzonderlijke vorderingen van [eiser] beoordelen.
Situatieve arbeidsongeschiktheid? Het percentage van de loondoorbetaling.
6.2.
[eiser] stelt zich op het standpunt dat zijn uitvallen op 24 februari 2025 geheel te wijten is aan een conflict op het werk, zijn psychische klachten direct verband houden met zijn werk, dat aldus sprake is van situatieve arbeidsongeschiktheid en dat daarom het feit dat hij momenteel niet werkt in de risicosfeer van Hot Networkz ligt. [eiser] wijst in dit verband op een de rapportage van de bedrijfsarts van 19 maart 2025. Hot Networkz betwist dat sprake is van situatieve arbeidsongeschiktheid.
6.3.
De kantonrechter stelt vast dat de bedrijfsarts op 19 maart 2025 heeft geoordeeld:
‘(…) Hij([eiser])
is uitgevallen in eigen werk ten gevolge van beperkingen door ziekte. Hij heeft hiervoor adequate medische hulp gezocht en is op het moment bezig met een behandeling en werkt aan zijn herstel. Werkgerelateerde factoren hebben mijns inziens een belangrijke rol gespeeld in het ontstaan van klachten die voor beperkingen zorgen. (…)’De kantonrechter leidt uit dit bericht van de bedrijfsarts af dat sprake was van medische klachten en dat werkgerelateerde factoren weliswaar een belangrijke rol hebben gespeeld bij de uitval van [eiser], maar dat geen sprake was van (louter) situatieve arbeidsongeschiktheid. In zijn e-mail van 25 maart 2025 heeft [eiser] zelf ook aan Hot Networkz meegedeeld dat zijn ziekmelding is gebaseerd op medische gronden.
6.4.
Uit de daarop volgende berichten van de bedrijfsarts blijkt evenmin dat sprake is van (louter) situatieve arbeidsongeschiktheid. Weliswaar geeft de bedrijfsarts in die berichten wederom aan dat werkgerelateerde knelpunten een belangrijke rol spelen bij de beperkingen van [eiser], maar in het laatste bericht van de bedrijfsarts van 24 december 2025 staat nog eens duidelijk dat [eiser] nog steeds beperkingen ervaart ten gevolge van ‘medische klachten’.
6.5.
Ter zitting heeft [eiser] toegelicht dat hij aanvankelijk is uitgevallen door oogklachten, die (naar achteraf is gebleken) werden veroorzaakt door stress. Dit oorzakelijke verband is echter niet door [eiser] onderbouwd. Gelet op hetgeen de kantonrechter in de voorgaande alinea’s heeft overwogen is zij van oordeel dat sprake is van arbeidsongeschiktheid ten gevolge van ziekte zoals bedoeld in artikel 7:629 BW Pro en niet van een (louter) situatieve arbeidsongeschiktheid die ertoe zou moeten leiden dat de loondoorbetaling op grond van artikel 7:628 BW Pro zou moeten worden beoordeeld.
6.6.
Gelet op het bepaalde in artikel 7:629 lid 1 BW Pro heeft [eiser] tijdens zijn arbeidsongeschiktheid wegens ziekte recht op uitbetaling van 70% van zijn loon. Dat betekent dat de gevorderde verklaring voor recht dat [eiser] vanaf de datum van zijn uitval recht heeft op uitbetaling van zijn volledige salaris zal worden afgewezen.
Het gevorderde salaris van statutair directeur over de periode van 1 april 2025 tot 1 juni 2025 (Opzegtermijn?)
6.7.
[eiser] is van mening dat Hot Networkz bij zijn ontslag als statutair directeur de wettelijke (arbeidsrechtelijke) opzegtermijn in acht had moeten nemen.
6.8.
De kantonrechter volgt dat standpunt niet. Het vennootschapsrechtelijke ontslag van [eiser] als statutair directeur (per 2 april 2025) is geen ontslag in arbeidsrechtelijke zin. De arbeidsovereenkomst tussen partijen is immers niet geëindigd: partijen zijn in het addendum op de arbeidsovereenkomst overeengekomen dat dat [eiser], zodra zijn positie van bestuurder eindigt, zijn oude taken behorend bij de functie van Salary & HR Manager weer zal gaan uitoefenen. Partijen zijn daarbij ook geen opzegtermijn overeengekomen. Het gevorderde salaris over de opzegtermijn zal daarom worden afgewezen.
6.9.
Maar ook als de opzegtermijn wel in acht had moeten worden genomen zou die vordering niet toewijsbaar zijn. [eiser] maakt immers in feite aanspraak op de gefixeerde schadevergoeding op grond van artikel 7:672 lid 11 BW Pro. Hot Networkz heeft er terecht op gewezen dat de vervaltermijn (van 2 maanden) voor het instellen van die vordering (zoals bedoeld in artikel 7:686a lid 4 onderdeel a BW) is verstreken.
6.10.
[eiser] heeft (onweersproken) gesteld dat zijn salaris ten onrechte al per 1 april 2025 is teruggebracht naar het oude niveau, terwijl het ontslag als statutair bestuurder pas op 2 april 2025 heeft plaatsgevonden. Daarom zal Hot Networkz worden veroordeeld om het over 1 april 2025 betaalde salaris aan te vullen naar het niveau van het salaris zoals dat gold voor de functie van statutair bestuurder.
De bonus en de telefoonkostenvergoeding
6.11.
[eiser] stelt dat Hot Networkz 1) de bij de contractwijzing van 19 juli 2022 overeengekomen en structureel uitbetaalde bonus en 2) de hem structureel toegekende telefoonkostenvergoeding, sinds 2 april 2025 ten onrechte niet meer aan hem heeft uitbetaald. Hot Networkz wijst erop dat de aanspraak op de bonus afhankelijk is gesteld van voorwaarden; [eiser] kan aanspraak maken op een bonus van 3,5 % over niet betaalde referrals met een maximum van € 500,00 bruto. Hot Networkz wijst er verder op dat de bonusafspraak niet afhankelijk is van de door [eiser] verrichte arbeid en dat de bonus niet structureel (alleen in juni, juli en augustus 2022) is uitgekeerd.
6.12.
Zoals hiervoor is overwogen, is [eiser] sinds 24 februari 2025 arbeidsongeschikt ten gevolge van ziekte. Tijdens arbeidsongeschiktheid ten gevolge van ziekte heeft een werknemer op grond van artikel 7:629 lid 1 BW Pro aanspraak op loondoorbetaling (70%) van het naar tijdsruimte vastgestelde loon. Op grond van artikel 7:629 lid 8 juncto Pro artikel 7:628 lid 3 BW Pro heeft de werknemer aanspraak op ander geldloon dan naar tijdsruimte vastgesteld als dit loon afhankelijk is van de uitkomst van de te verrichten arbeid. De kantonrechter overweegt dat het hier gaat om loon in geld dat op andere wijze dan naar tijdsruimte is vastgesteld. De kantonrechter kijkt in dit verband naar de formulering van de toezegging van Hot Networkz (r.o. 3.3.) waaruit blijkt dat de bonus afhankelijk is gesteld van een percentage van niet betaalde referrals en dat daaraan een maximum is gesteld. Het feit dat gedurende 3 maanden achtereen het maximum bedrag van € 500,00 is uitgekeerd maakt niet dat sprake is van structureel periodiek uitgekeerd loon. [eiser] erkent dat het hier gaat om een aan hem (uit coulance) toegekende bonus die in het geheel niet van zijn arbeidsprestatie afhankelijk is. De bonus valt daarmee niet onder het loonbegrip van artikel 7:629 lid 8 juncto Pro 7:628 lid 3 BW en hoeft niet te worden doorbetaald tijdens arbeidsongeschiktheid. Dit onderdeel van de vordering zal daarom worden afgewezen.
6.13.
Wat betreft de telefoonkostenvergoeding overweegt de kantonrechter dat deze vergoeding in dit geval moet worden beschouwd als een onkostenvergoeding en niet als een onderdeel van het loon. [eiser] heeft ter zitting toegelicht dat deze vergoeding bedoeld was voor telefoonkosten die hij maakte als hij met zijn privé telefoon zakelijke gesprekken voerde. Die gesprekken hoeft hij tijdens zijn ziekte niet te voeren. De omstandigheid dat de betreffende kosten zijn gebruteerd op de salarisstrook maakt dit naar het oordeel van de kantonrechter niet anders. Ook de vordering tot vergoeding van telefoonkosten is daarom niet toewijsbaar.
Loonsverhoging
6.14.
[eiser] stelt dat op het in juli 2022 overeengekomen loon vanaf april 2025 geen loonsverhogingen zijn toegepast terwijl medewerkers met een gelijkwaardige functie ([eiser] heeft drie medewerkers met name genoemd) die wel hebben ontvangen. [eiser] heeft uitgerekend de drie medewerkers over de jaren 2022 tot en met 2025 een gemiddelde loonsverhoging van 31,39% hebben ontvangen en stelt dat daarom een salarisverhoging van dat percentage vanaf juli 2022 op grond van het beginsel van gelijkheid onder medewerkers gerechtvaardigd is.
6.15.
Hot Networkz heeft gemotiveerd betwist dat [eiser] de door hem gewenste loonsverhoging toekomt. Zij wijst erop dat partijen een bruto salaris van € 4.500,00 per maand zijn overeengekomen en dat geen afspraken zijn gemaakt over indexering of verhogingen. Hot Networkz heeft gemotiveerd toegelicht dat de door [eiser] genoemde drie werknemers (qua opleiding, takenpakketten en verantwoordelijkheden) niet met [eiser] vergelijkbaar zijn en dat een dergelijke loonsverhoging veelal is gekoppeld aan (bovengemiddeld) functioneren van een werknemer. Zij wijst er tenslotte op dat de verzochte loonsverhoging geen juridische grondslag heeft en niet marktconform is.
6.16.
De kantonrechter overweegt dat [eiser] niet heeft weersproken dat tussen partijen geen afspraken zijn gemaakt over loonsverhogingen. De kantonrechter begrijpt dat [eiser] zich op het algemeen erkende rechtsbeginsel beroept dat gelijke arbeid in gelijke omstandigheden op gelijke wijze moet worden beloond, tenzij een objectieven rechtvaardigingsgrond een ongelijke beloning toestaat. De kantonrechter is van oordeel dat [eiser] (in het licht van het verweer van Hot Networkz) onvoldoende heeft gesteld en onderbouwd dat sprake is geweest van gelijke arbeid in gelijke omstandigheden. De vordering tot betaling van de loonsverhoging wordt daarom afgewezen.
Geen compensatie voor het inleveren van de leaseauto
6.17.
Vaststaat dat [eiser] op 1 juni 2025 zijn leaseauto heeft ingeleverd zonder daarvoor een compensatie te ontvangen. Volgens [eiser] is dat een onterechte, eenzijdige wijziging van zijn arbeidsvoorwaarden en moet hij een compensatie ontvangen van € 1.053,82 bruto per maand gebaseerd op de fiscale bijtelling zoals vermeld op de eerdere loonstroken.
6.18.
Hot Networkz voert aan dat van een eenzijdige wijziging van arbeidsvoorwaarden geen sprake is en dat de ter beschikkingstelling van de leaseauto is geëindigd krachtens de geldende afspraken zoals vervat in het leasereglement.
6.19.
De kantonrechter overweegt hierover dat een leaseauto die, zoals in dit geval, ook privé mag worden gebruikt op grond van artikel 7:617 lid 1 onderdeel Pro b BW als ‘loon in natura’ kan worden aangemerkt. Artikel 7:629 BW Pro geeft bij ziekte echter geen aanspraak op doorbetaling van andere loonvormen dan in geld zoals bedoeld in artikel 6:617 lid 1 onderdelen Pro b tot en met e BW. Dat de fiscus dit loon in natura waardeert op een fictief bedrag in geld maakt dat niet anders. [1] Bovendien is in het door [eiser] zelf in het geding gebrachte leasereglement (dat hij dus kende) bepaald dat de auto na een maand ziekte moet worden ingeleverd. De gevorderde compensatie voor het inleveren van de leaseauto wordt daarom afgewezen.
De dertiende maand over 2025
6.20.
Vaststaat dat in de contractwijziging van 19 juli 2022 is bevestigd dat de overige arbeidsvoorwaarden, zoals een dertiende maand, ongewijzigd blijven. Ook staat vast dat [eiser] over het jaar 2025 (vanaf 2 april 2025, toen hij geen bestuurder meer was) geen dertiende maand heeft ontvangen, hoewel hij daar herhaaldelijk om heeft verzocht. Na wijziging van de eis heeft [eiser] uitbetaling van de dertiende maand over 2025 gevorderd.
6.21.
Hot Networkz heeft ter zitting aangevoerd dat de dertiende maand geen algemene arbeidsvoorwaarde is, maar slechts wordt toegekend als sprake is van een positieve evaluatie. Volgens Hot Networkz heeft [eiser] niet voldaan aan die voorwaarde: hij heeft geen evaluatie gehad doordat hij ziek is en als hij die wel zou hebben gehad zou die evaluatie niet positief zijn geweest.
6.22.
[eiser] heeft ter zitting uitdrukkelijk betwist dat het ontvangen van een dertiende maand afhankelijk is gesteld van een positieve evaluatie. Het had daarom op de weg van Hot Networkz gelegen om haar verweer nader te onderbouwen. Nu Hot Networkz dat heeft nagelaten, wordt het verweer verworpen en de vordering van [eiser] toegewezen. Omdat de [eiser] arbeidsongeschikt is wegens ziekte, zal 70% van de dertiende maand over 2025 (pro rata vanaf 2 april 2025) worden toegewezen.
De wettelijke verhoging en de wettelijke rente
6.23.
De wettelijke verhoging en de wettelijke rente over de toegewezen looncomponenten zullen worden toegewezen zoals hierna vermeld. Gelet op de omstandigheden van het geval ziet de kantonrechter aanleiding om de wettelijke verhoging te matigen tot 25%.
Beroep op verrekening wordt gepasseerd
6.24.
Hot Networkz heeft ter zitting nog een beroep op verrekening gedaan, omdat [eiser] zichzelf als bestuurder ten onrechte tweemaal een dertiende maand zou hebben uitgekeerd. [eiser] heeft gemotiveerd betwist dat hij zichzelf ten onrechte een dertiende maand heeft uitgekeerd. Naar [eiser] heeft aangevoerd heeft hij hiervoor decharge gekregen.
6.25.
De kantonrechter zal het beroep op verrekening passeren, omdat de gegrondheid van het verrekeningsverweer (gelet op de gemotiveerde betwisting door [eiser]) niet eenvoudig is vast te stellen en de vordering van [eiser] overigens voor toewijzing vatbaar is (zoals hiervoor vermeld). [2]
De proceskosten en nakosten
6.26.
Omdat partijen ieder gedeeltelijk in het (on)gelijk zijn gesteld, zal de kantonrechter bepalen dat iedere partij de eigen proceskosten (inclusief nakosten) draagt.

7.De beslissing

De kantonrechter
7.1.
veroordeelt Hot Networkz om het over 1 april 2025 aan [eiser] betaalde salaris aan te vullen naar het niveau van het salaris zoals dat gold voor de functie van statutair bestuurder, te vermeerderen met de wettelijke verhoging van 25% en met de wettelijke rente vanaf de datum van opeisbaarheid tot de dag van de betaling;
7.2.
veroordeelt Hot Networkz tot betaling aan [eiser] van 70% van de dertiende maand over 2025 (pro rata vanaf 2 april 2025), te vermeerderen met de wettelijke verhoging van 25% en met de wettelijke rente vanaf de datum van opeisbaarheid tot de dag van de betaling;
7.3.
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten (inclusief nakosten) draagt;
7.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
7.5.
wijst de vordering voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.I.V. Scherpenhuijsen Rom en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2026.
De griffier, De kantonrechter,

Voetnoten

1.Zie Kluwer Tekst en Commentaar bij artikel 7:629 BW Pro aantekening 2a, Hof Den Haag 13 juli 2021 ECLI:NL:GHDHA:2021:1577 en Rechtbank Midden-Nederland 1 februari 2024 ECLI:NL:RBMNE:2024:979.
2.Zie artikel 6:136 BW Pro.