2.5.De man verzoekt - na wijziging - de rechtbank het verzochte onder b) tot en met v) af te wijzen. Hij verzoekt – na wijziging ter zitting – de rechtbank voorts bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
de echtscheiding tussen partijen uit te spreken;
dat aan de man de woning staande en gelegen in [postcode] [woonplaats] aan de [adres 1] wordt toebedeeld tegen de door de taxateur/makelaar bepaalde waarde, onder de verplichting de hypothecaire geldlening geheel voor zijn rekening te nemen en als eigen schuld te voldoen en de vrouw te doen ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor deze hypothecaire geldlening, alsmede aan de vrouw binnen vier maanden na de in dezen te geven beschikking de helft van de eventuele overwaarde van de woning uit te keren, waarbij de overwaarde bestaat uit de taxatiewaarde na aftrek van de hypothecaire geldlening en de overige kosten ten behoeve van de overname;
dat de kosten van het notariële transport voor rekening van beide partijen komen;
e vrouw te veroordelen om mee te werken aan het bovengenoemde en te bepalen dat, voor het geval de vrouw weigert haar medewerking aan het bovengenoemde te verlenen, de beschikking voor de verklaring van de vrouw in de notariële transportakte in de plaats treedt, zulks op basis van artikel 3:300 BW;
te bepalen dat partijen in onderling overleg zullen overgaan tot verdeling van inboedelgoederen in die zin dat zij telkens om beurten een item mogen uitkiezen wat hem/haar dan zal toekomen volgens het systeem: eerste keus vrouw, tweede en derde keus man, vierde en vijfde keus vrouw, zesde en zevende keus man etc.;
te bepalen dat ieder van partijen binnen twee weken na de datum van de beschikking de lijst met inboedelgoederen aanvult, waarbij de vrouw de man in de gelegenheid moet stellen om – op een door de man aangewezen dag en tijdstip – door de woning te lopen om de lijst te vervolmaken en dat partijen na afloop van voornoemde termijn binnen twee weken op de wijze als omschreven onder e) de inboedelgoederen op de lijst moeten verdelen;
te bepalen de inboedelgoederen na verdeling feitelijk in ieders bezit moeten worden genomen en indien nodig aan de ander te worden afgegeven binnen twee weken na de verdeling onder verbeurte van een dwangsom van € 100 per dag voor elke dag dat een item door de een niet wordt afgegeven aan de ander;
te bepalen dat de gezamenlijke bankrekening [rekeningnummer 1] wordt opgeheven en het saldo per datum opheffing bij helfte wordt verdeeld tussen partijen;
te bepalen dat de [merk 1] met het kenteken [kenteken 1] tegen de geldende marktwaarde wordt verkocht waarna de opbrengst tussen partijen bij helfte wordt verdeeld en te bepalen dat de man alle benodigde taken met betrekking tot de verkoop op zich zal nemen;
te bepalen dat partijen ieder volledig draagplichtig zijn voor de openstaande leaseschuld bij [schuldeiser];
te bepalen dat de [merk 2] [type] met het kenteken [kenteken 2] aan de man wordt toegedeeld tegen de marktwaarde van € 10.438 waarna de man de helft van de waarde, zijnde een bedrag € 5.219 aan de vrouw dient te voldoen;
te bepalen dat het appartement staande en gelegen tegenover [adres 2] wordt verkocht waarna de helft van de verkoopopbrengst tussen partijen bij helfte wordt verdeeld en te bepalen dat de vrouw het aandeel van de man binnen één maand na de beschikking dient te voldoen aan de man;
te bepalen dat de vrouw volledig draagplichtig is voor de openstaande schuldfactuur aan de mediator [naam mediator] met als declaratienummer [declaratienummer] van 18 juni 2024 ter hoogte van € 1.508,87;
te bepalen dat de vrouw de helft van het uitgeleende bedrag aan haar broer van € 18.181,81 zijnde een bedrag van € 9.090,90 binnen acht dagen na de datum van de beschikking aan de man dient te voldoen;
nadat het duidelijk is geworden dat de man de woning niet kan overnemen partijen een taxateur/makelaar aanwijzen, hetzij één gemeenschappelijke taxateur/makelaar, hetzij ieder één taxateur/makelaar die dan gezamenlijk een derde taxateur/makelaar aanwijzen;
te bepalen dat de door partijen gezamenlijk benoemde taxateur/makelaar, dan wel de drie taxateurs/makelaars tezamen, in aanwezigheid van beide partijen, de woning [postcode] [woonplaats] aan [adres 1] zal/zullen taxeren tegen de actuele waarde in het economisch verkeer en dat deze taxatie tussen partijen zal gelden als een bindend advies in de zin van art. 7:900 BW;
te bepalen dat de kosten van de taxatie door beide partijen gedragen worden, ieder voor de helft;
te bepalen dat partijen gezamenlijk een makelaar opdracht geven tot verkoop van de woning, tegen een door de makelaar getaxeerde verkoopprijs;
te bepalen dat indien partijen niet binnen twee een makelaar opdracht hebben gegeven tot verkoop, ieder van hen afzonderlijk bevoegd is tot het verstrekken van een opdracht aan een NVM-makelaar voor de verkoop van de woning [postcode] [woonplaats] aan [adres 1];
e bepalen dat als de verkoopprijs bindend is vastgesteld, beide partijen verplicht zijn hun medewerking te verlenen aan het notariële transport van de woning aan de koper;
te bepalen dat de kosten van het notariële transport voor rekening van beide partijen komen;
te bepalen dat iedere partij gehouden is de helft van de kosten van de makelaar, de notaris en de overige kosten ter zake van de verkoop en levering te dragen;
te bepalen dat de hypothecaire geldlening bij [bank] met hypotheeknummer [hypotheeknummer] bij gelegenheid van de eigendomsoverdracht van de woning zal worden afgelost uit de verkoopopbrengst van de woning;
te bepalen dat de netto overwaarde tussen partijen dient te worden verdeeld;
de vrouw te veroordelen om mee te werken aan het bovengenoemde en te bepalen dat, voor het geval de vrouw weigert haar medewerking aan het bovengenoemde te verlenen, deze beschikking voor de verklaring van de vrouw in de notariële transportakte in de plaats treedt, zulks op basis van artikel 3:300 BW;
te bepalen dat de vrouw een bedrag van € 1.609,69 aan de gemeenschap moet vergoeden.