Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
- de dagvaarding
- de mondelinge behandeling, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- het tijdens de mondelinge behandeling tegen [gedaagde] verleende verstek.
Rechtbank Noord-Holland
Op 28 oktober 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland in Haarlem een vonnis in kort geding uitgesproken in de zaak tussen [eiser] en [gedaagde]. [Eiser] vorderde vervangende toestemming voor de verkoop van een woning, die onderdeel uitmaakt van de huwelijksgemeenschap met [gedaagde]. De woning was door [eiser] op 10 juli 2003 in eigendom verkregen, maar na zijn huwelijk met [gedaagde] op 2 mei 2006 werd deze woning onderdeel van de huwelijksgemeenschap. Na de echtscheiding op 24 november 2009, waarbij de rechtbank bepaalde dat alle baten en lasten aan [eiser] werden toegescheiden, heeft [eiser] de woning op 26 augustus 2025 verkocht. Echter, op 22 oktober 2025 kon hij de woning niet leveren omdat [gedaagde] niet meewerkte. [Eiser] heeft [gedaagde] aangeschreven, maar zij heeft niet gereageerd. De voorzieningenrechter oordeelde dat er een spoedeisend belang was, omdat [eiser] zonder medewerking van [gedaagde] niet kon voldoen aan zijn leveringsverplichting. De rechter bevestigde dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en dat Nederlands recht van toepassing is, gezien de nationaliteit van de partijen en hun verblijfplaats. De voorzieningenrechter verleende [eiser] vervangende toestemming voor de verkoop van de woning en machtigde hem tot de levering van de woning. De proceskosten werden gecompenseerd, zodat iedere partij de eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.