ECLI:NL:RBNHO:2022:5589
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen vastgestelde WOZ-waarde woning en aanslag OZB
Eiser is eigenaar van een geschakelde twee-onder-één-kapwoning en betwist de WOZ-waarde van € 240.000 vastgesteld per 1 januari 2019. Eiser vordert een lagere waarde van € 223.000 en voert onder meer aan dat de uitspraak op bezwaar onvoldoende is gemotiveerd en dat relevante stukken zoals de grondstaffel en taxatiekaart niet zijn overgelegd.
Verweerder handhaaft de vastgestelde waarde en heeft een uitgebreide waarde-matrix overgelegd met vergelijkingsobjecten, waarbij rekening is gehouden met verschillen in ligging, grootte en onderhoud. De rechtbank oordeelt dat verweerder niet in strijd heeft gehandeld met de informatieplicht en dat de waarde niet te hoog is vastgesteld.
De rechtbank weegt mee dat de door eiser aangevoerde overlast door een school subjectief is en reeds is verdisconteerd in de vergelijkingsobjecten. Het door eiser overgelegde taxatierapport is minder relevant vanwege de ouderdom en verschillen met de woning. De motivering van verweerder wordt als voldoende beoordeeld en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde en aanslag OZB wordt ongegrond verklaard.