Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 7 april 2022 in de zaken tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil5. In geschil is of de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd, alsmede of de boetebeschikkingen terecht zijn genomen. Als het antwoord op beide vragen bevestigend is, dan staat de juistheid van de bedragen niet ter discussie. Het geschil spitst zich toe op de vraag of eiseres terecht de voorbelasting op haar algemene kosten integraal in aftrek heeft gebracht, zoals zijzelf bepleit, dan wel of zij slechts een deel daarvan had mogen aftrekken op basis van een pro rata, zoals verweerder meent. Voor het geval het gelijk in zoverre aan verweerder is, is voor de boeten met name in geschil of eiseres een pleitbaar standpunt heeft ingenomen door voorbelasting op algemene kosten volledig in aftrek te brengen dan wel alle schuld bij haar ontbreekt.
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar voor zover het de boetebeschikkingen betreft;
- vermindert de boete voor het jaar 2011 tot € 296 en de boete voor de jaren 2012 en 2013 tot € 1.529;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde gedeelten van de uitspraken op bezwaar, en
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.518.