Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
- feit 1: in de periode van 11 januari 2013 tot en met 14 november 2014 samen met anderen voorbereidingshandelingen en/of bevorderingshandelingen heeft gepleegd om een hoeveelheid cocaïne, dan wel een middel genoemd op lijst I, opzettelijk binnen of buiten Nederland te brengen en te verkopen/afleveren/verstrekken/vervoeren en vervaardigen;
- feit 2: in de periode van 11 januari 2013 tot en met 14 november 2014 samen met anderen heeft deelgenomen aan een criminele organisatie, welke organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld onder artikel 2 jo Pro artikel 10 van Pro de Opiumwet (Ow) en/of artikel 2 jo Pro artikel 10a van de Opiumwet;
feit 3: in de periode van 13 oktober 2012 tot en met 17 april 2014 zich samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan witwassen.
2.Inleiding
4.Beoordeling van het bewijs
vertrekt op 24 april 2013 van Trinidad en Tobago en komt daar op 20 mei 2013 weer aan. Als gezegd, hij is dan samen met [medeverdachte 2] in Ecuador geweest. Hij vertrekt op 25 mei 2013 weer uit Trinidad en Tobago en komt op 20 juni 2013 weer aan, dit keer vanuit Toronto (Canada). Nog dezelfde dag vertrekt hij naar Paramaribo, om vervolgens op 25 juni 2013 weer op Trinidad en Tobago aan te komen en daar te blijven tot het vertrek van de [zeilboot 1] op 10 juli 2013.
[medeverdachte 2] en verdachte vertrekken op 11 december 2013 naar Aruba, [medeverdachte 3] op 23 december 2013 naar Trinidad en Tobago. Verdachte en [medeverdachte 3] komen op 16 januari 2013 weer terug op Curaçao vanaf Suriname en [medeverdachte 2] komt op 23 januari 2014 weer terug op Curaçao vanaf Suriname. Daar wordt een rubberbootje aangeschaft en door [medeverdachte 2] cash betaald. Kort nadat [medeverdachte 1] is geschorst uit voorlopige hechtenis in Nederland (ZD01) heeft [medeverdachte 2] vanuit Suriname een vlucht die landt op 11 februari 2014 op Frankfurt. [medeverdachte 5] is op 21 december 2013 naar Nederland vertrokken en is gedurende de onderzoeksperiode niet meer op of bij de [zeilboot 2] geweest.
[medeverdachte 1] sms’t op 8 juli 2014 aan [medeverdachte 2] : “hij is bezig met kleine heb je nu niets aan die verstopt zich en lut is oh in cur” en “ben nog steeds onder weg al zeshonderd gereden nu pas ketelbrug wat ik al niet moet doen voor jullie morgen stuur I beetje heb nog niet meer maar komt ok”.
[medeverdachte 1] : “Vraag denk dat die hier op gele van wat ik al zei naar (m m d s) (d p s s) gaan als dat zo s kan je dan lang ook?” en “ Of toch liever naar lut of hollywood. Zit nu in maag met lang en deze”.
[medeverdachte 1] : “je komt niet voor niets bv is zeker”.
ecli:nl:hr:2007:BA0502).
allemedeverdachten. Desondanks blijkt uit de bewijsmiddelen dat de verdachten goed op de hoogte waren van hetgeen zich ergens anders op de wereld afspeelde. Ook maakten verdachte en medeverdachten gebruik van veel verschillende telefoons en telefoonnummers. Dit blijkt uit de grote hoeveelheid verschillende bij verdachten in gebruik zijnde telefoon- en IMEI-nummers die in dit onderzoek zijn afgeluisterd en ook uit de grote aantallen telecommunicatiemiddelen die bij doorzoekingen op adressen van verdachten (en op de [zeilboot 2] ) zijn aangetroffen.
weecht niks meer om iets te
ondernemen’. Hierop reageert [medeverdachte 1] door te zeggen: ‘Je komt niet voor niets’. Naar het oordeel van de rechtbank valt hieruit zonder meer af te leiden dat zij slechts met één doel voor ogen zo lang daar zijn gebleven namelijk het gezamenlijk met verdachte organiseren en uitvoeren van een cocaïnetransport naar Nederland.
- zich en/of een of meer ander(en) gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat/die feit(en) heeft getracht te verschaffen en/of
- voorwerpen, vervoermiddelen en/of gelden voorhanden heeft gehad waarvan verdachte wist of ernstige redenen had om te vermoeden, dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en),
- een (zeil)boot, genaamd [zeilboot 2] , aangeschaft, en/of
- meermalen aanwezig geweest (als tweede stuurman en/of bemanningslid) op de (zeil)boot [zeilboot 2] , en/of
- werkzaamheden laten verrichten aan de zeilboot en/of
- bemanning geregeld en/of laten regelen voor de (zeil)boot [zeilboot 2] en/of
- geldzendingen (laten) verricht(en) vanuit Nederland naar Trinidad en Tobago;
- het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 10 vierde Pro en/of vijfde lid van de Opiumwet, namelijk het binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen, in elk geval het afleveren en/of verstrekken en/of vervoeren van cocaïne en/of
- het plegen van strafbare voorbereidingshandelingen als bedoeld in artikel 10a van de Opiumwet;
- een geldbedrag van euro 800,- (3762,95 Qatari Riyal) (op 7 november 2013 van [medeverdachte 2] ) en/of
- een geldbedrag van euro 472,- (op 11 april 2014 van [betrokkene 2] )
5.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de sanctie
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
14 (veertien) maanden.